|
Verloskundige. Een beroep dat je direct associeert met nieuwe kleine
pasgeboren baby’tjes. En hoewel mensen het hele jaar door kinderen
krijgen, doet het ook een beetje denken aan een nieuwe lente en een
nieuw geluid. Een passende bijdrage dus: een interview met een
verloskundige voor een voorjaarsnummer in de G&T. Daarom ging ik op
bezoek bij Phyline Derksen.
|
Phyline is 29 jaar en woont in de Bakkerstraat 1 in Thesinge.
Eerst woonde zij aan de Molenweg. Aan haar accent kun je wel
horen dat zij geen Groningse is. Van oorsprong komt zij uit
Almere, verhuisde naar Hilversum en toog tenslotte met haar
ouders naar Haren. Tijdens haar studie woonde zij op kamers in
Groningen. Daar ontmoette zij Bert Mollema; ja, de zoon van de
brijventer, en door hem kwam zij in Thesinge. Zij werd daar snel
opgenomen in de vriendengroep van Bert. ‘Het dorpse vind ik
prettig. In Haren, waar mijn ouders wonen heb je dat minder.
Daarvoor heb ik alleen in steden gewoond. Ik voel me hier thuis.’
Een
droom die uitkomt
Waarom wilde je vroedvrouw worden?, vraag ik. De naam vroedvrouw
wordt niet meer gebruikt. |
|
 |
| |
|
Phyline Derksen
(Foto: Myla Uitham). |
|
|
Verloskundige is de term die nu wordt gebruikt, want er zitten
ook mannen op de opleiding. Phyline vertelt dat zij al op de
middelbare school verloskundige wilde worden. Zij dacht toen nog
dat het beroep vooral te maken had met baby’tjes, heel veel
baby’tjes. Die waren zo schattig en het leek haar prachtig dat
je daar je werk van kon maken. Daarom koos zij op de havo vakken
als biologie en scheikunde in haar pakket. Dat heb je minimaal
nodig. De dichtstbijzijnde opleiding was in die tijd in
Amsterdam. Uiteindelijk voelde zij zich te jong en Amsterdam was
te ver. Zij besloot hbo – verpleegkunde te doen. Al in het
eerste jaar bleek tijdens een stage dat verpleegkundige
handelingen haar niet lagen. Op dat moment wist Phyline niet
meer wat ze wilde. Zij werkte twee jaar bij Albert Heijn. Maar
de wens om verloskundige te worden, bleef. Toen er vanuit de
Amsterdamse opleiding een dependance werd gevestigd in Groningen
meldde zij zich aan en werd ingeloot en toegelaten.‘Ik
wilde het nog steeds heel graag en nu was ik er klaar
voor.’Tijdens haar opleiding liep ze stage en al in het tweede
jaar moest ze zelfstandig bevallingen doen met een verloskundige
naast zich. Eén ding wist ze zeker in die periode: ‘Dit is het.
Dit wil ik. Een droom van een baan.’
De eerste bevalling als verloskundige
Op de avond dat zij haar opleiding had afgerond, nam ze waar in
een praktijk in Meppel. Ze zat naast de telefoon in een
onbekende stad. Ze werd opgeroepen. En hoewel ze best nerveus
was, hield ze haar hoofd koel. ‘Dat is belangrijk als
verloskundige.’ De bevalling verliep spoedig, maar de moeder
moest gehecht worden omdat ze ingeknipt was. Voordat ze ging
hechten, vroegen de ouders de hoeveelste bevalling dit van haar
was. Het leek haar niet zo handig om dat op dat moment te
vertellen. ‘Dat vertel ik als ik klaar ben met hechten.’ Was het
misschien haar eerste bevalling? Dat bevestigde Phyline. De
ouders complimenteerden haar en Phylines zenuwen waren weg.
Verantwoordelijkheden
Phyline werkt nu in de Verloskundige Stadspraktijk op het
terrein van het UMCG. Dat is een grote praktijk met 12
verloskundigen verdeeld in 2 teams. Haar werk is nog steeds haar
grootste hobby. ‘Ik zit in team oost met 5 andere collega’s.’
Per maand zijn er gemiddeld 35 bevallingen per team. De duur van
een bevalling wordt gerekend vanaf de eerste wee. Gemiddeld
duurt de bevalling van een eerste kind 16 uur en van een tweede
kind 8 uur. ‘Mensen uit Garmerwolde kunnen zich bij onze
praktijk melden. Voor Thesingers kan dat alleen in goed overleg,
want Thesinge valt net buiten het gebied van de beide teams.’
Twee dagen per week heeft Phyline ‘spreekuur dagen’. Na een
kennismakingsgesprek volgen er gemiddeld 11 controles tijdens
een zwangerschap. Het blijft een verantwoordelijke baan. ‘Je
begeleidt tenslotte twee mensen tijdens de zwangerschap. Je
controleert of alles goed is.’ Van de discussie over hoe het kan
dat de kindersterfte bij bevallingen in Nederland vrij hoog is,
is Phyline op de hoogte. ‘Maar als verloskundige doe je aan
risico – selectie. Dat houdt in dat je tijdig signaleert dat er
medische hulp nodig is. Wij maken het gelukkig niet vaak mee.’
Na de bevalling bezoeken de verloskundigen de kraamvrouw en het
pasgeboren kind 5 keer gedurende de kraamtijd. Zij controleren
moeder en kind en begeleiden de kraamverzorgster. Mensen mogen
kiezen voor een verplaatste thuisbevalling (zo heet dat in
vaktermen I.P.) in het ziekenhuis, bijvoorbeeld het U.M.C.G. of
het Martiniziekenhuis, of thuis.
Een keer per week heeft Phyline 24 uurs dienst. Dag en nacht
kunnen toekomstige ouders een beroep doen op een verloskundige,
wanneer ze onzeker zijn, vragen hebben of ongerust zijn. En dat
doen ze ook. ‘Op zo’n dag is het mogelijk dat je wel 16 uur in
touw bent.’
|
Drie
bevallingen in 13 minuten
Phyline houdt haar bevallingen bij in een schriftje. Ze heeft er
inmiddels 74 gedaan.
|
|
 |
| |
|
Phyline en haar witte panda
(Foto: Myla Uitham). |
‘Op een dag heb ik
drie kinderen ter wereld geholpen in dertien minuten tijd! Dat was
bijzonder. Het was geen drieling. Ik had twee mensen tegelijk met weeën
in het ziekenhuis die in twee kamers naast elkaar lagen. ’s Ochtends om
6.23 uur. heb ik het eerste kindje aangepakt op de buik gelegd en de
placenta afgehandeld. Toen werd ik gebeld door een meneer. Hij was
alleen met zijn vrouw, die onverwacht persweeën had. Die heb ik aan de
telefoon begeleid. Het kindje werd om 6.30 uur. geboren.’ Daarna ging ze
snel naar de andere kamer. Daar pakte ze het volgende kind aan om 6.36
uur. ‘Op zo’n moment houd ik het hoofd koel.
Dat moet je kunnen in dit vak. Ik kan er goed tegen om
verantwoordelijkheid te dragen. Als je daar over twijfelt kun je geen
goede beslissingen nemen. Kalmte is ook belangrijk voor de ouders.’ Die
term een kind ‘aanpakken’ is ook een vakterm. ‘Wij zetten geen kind op
de wereld. Wij trekken niet aan een kind. Wij pakken het aan. Vandaar.’
Is Phyline nog steeds weg van baby’tjes? Ja, maar eigenlijk heb je er
als ze geboren zijn maar even mee te maken. Toch is het nog steeds
bijzonder: de zwangerschap en uiteindelijk de geboorte.
De verloskundige Pyline wordt zelf moeder
Bert en Phyline verwachten in augustus een baby. En wat antwoordt de
stressbestendige en ervaren Phyline op de vraag hoe het is om zelf
zwanger te zijn? ‘Ik ben heel onzeker. Ja, ik voel met net zoals een
leek. Het is zo spannend, zo onwerkelijk en verbazend dat er een kind
groeit. Dat wij vader en moeder worden. Apart hè?’ Wie gaat de bevalling
doen? ‘Ik wil graag thuis bevallen. Mijn collega’s in mijn eigen
praktijk begeleiden de zwangerschap. Als we in nacht en ontij door
Garmerwolde en Thesinge een witte Panda zien rijden met een ooievaar op
beide zijkanten, dan is de kans groot dat het Phyline is. Op weg om een
nieuw wereldburgertje ‘aan te pakken’.
Irene Plaatsman
|