G&T2013

Maandelijks Nieuwsblad voor Garmerwolde, Thesinge en omstreken

39e jaargang - juli 2013 

Oranje Comité bestaat 75 jaar

En daar zijn tien Oranjemannen heel druk mee!

201308a

Negen leden van het tienkoppige Oranje Comité.
V.l.n.r. Kor van Zanten, Alfred Ottens, Jan van der Veer, Martijn Bol,
Menko Ridder (boven), Appie Ridder, Hans Wind, Lammert Plijter,
Jelle van der Veen (foto: Joost van den Berg)


Al sinds de geboorte van prinses Beatrix in 1938 heeft Thesinge een eigen Oranje Comité dat elk jaar een geweldige Koninginnedag verzorgt. Maar zo actief als de afgelopen tijd was het Comité nooit eerder. Het begon vorig jaar december al met een grote inzamelingsactie van oude metalen, daarna was er als vanouds een mooi verzorgde Koninginnedag, gevolgd door een drukbezochte rommelmarkt in mei. Als klap op de vuurpijl is er op 13 en 14 september een spetterend jubileumfeest. Net als Beatrix is het Oranje Comité 75 jaar geworden. En dat moet gevierd worden!



Eén Comité, twee teams
Het huidige Oranje Comité bestaat uit maar liefst tien mannen. Voor dit interview is het voltallige bestuur aanwezig: voorzitter Appie Ridder, secretaris Kor van Zanten en penningmeester Jelle van der Veen. Even later schuift ook Hans Wind aan, net een kwartiertje terug van zijn vakantie. Appie maakt direct duidelijk dat het bestuur even veel te vertellen heeft als de rest: ‘We doen het met z’n allen en niemand is de baas. Iedereen is even belangrijk.’ Hij vertelt hoe de taken verdeeld zijn: ‘Er zijn twee groepen binnen het Oranje Comité. De ene - Jelle en Jan van der Veen, Martijn Bol en Alfred Ottens - verzorgt de Horeca, de andere - Kor, Hans, Lammert Plijter, Menko Ridder, Patrick van Zanten en ik - bedenkt de spelletjes. ‘We komen altijd eerst een paar keer met de hele groep samen,’ legt Kor uit. ‘Dan bespreken we de algemene zaken, zoals de horeca-inkopen en het thema van de spelletjes. Het spelletjescomité heeft daarna nog een stuk of wat aparte vergaderingen om ideetjes te bedenken en uit te werken.’ ‘We zijn altijd heel serieus aan het vergaderen,’ vult Hans aan, ‘Maar zonder druk. Het moet wel gezellig blijven.’ ‘Een potje bier hoort er bij,’ stelt Jelle. Appie: ‘Soms wel twee!’

Iedereen onmisbaar
Waardering voor hun activiteiten is er genoeg. Hoewel de feesten in de stad dicht bij zijn, kiezen de meeste Thesingers toch voor Koninginnedag in eigen dorp. Elk jaar is het druk en oergezellig op het sportveld. De mannen gunnen elkaar de eer van dat succes. Kor: ‘Er moet sensatie in de spelletjes zitten en het moet niet te lang duren, daar streven we met z’n allen naar.’ ‘Kor, Patrick en Hans komen met de meeste ideeën,’ meent Appie. Kor: ‘Vooral Patrick en Hans, die hebben bijna alle spelletjes bedacht.’ ‘Patrick met name, die had een hele map met uitgewerkte ideeën,’ reageert Hans. Appie: ‘Maar ook Kor, onderschat die niet.’ Hans: ‘Maar dan nog. Een goed idee is leuk, maar je moet het nog wel realiseren. Wat Appie, Lammert en Menko aan werk verzetten is net zo onmisbaar…’ Jelle geeft op zijn beurt de andere mensen van het horecateam de credits: ‘Jan en Bolletje zijn de grote regelneven en Alfred is het manusje van alles die zorgt dat alles soepel loopt. Ikzelf doe een beetje wat zij zeggen en ik regel de inkopen. Maar dat stelt niet zoveel voor, want dat staat allemaal in de computer.’

Mannentraditie
Het Oranje Comité is een hechte club mannen. Alléén mannen. En dat moet ook zo blijven, daar zijn de aanwezigen het over eens. Jelle, lachend: ‘Het is een gezellig mannenonderonsje. Als er vrouwen bijkomen krijg je heel andere vergaderingen. Dan moet er opeens wijn komen en zo.’ Kor: ‘We zijn allemaal doeners, doorpakkers, kort door de bocht, dat werkt goed. Als er wat moet gebeuren, zoals een dammetje in de sloot, dan doen we dat gewoon zelf.’ Appie, met een grijns: ‘Er zijn natuurlijk wel vrouwen die lid willen worden, maar dat gaat dus niet gebeuren, zelfs niet als stageplek. Die mannensamenstelling is een oude traditie, net als het feit dat mensen vaak heel lang lid blijven. Van het huidige comité zijn Kor, Lammert en ik er het langst bij. Sinds 1996. Vroegere leden waren ook vaak jarenlang actief. Sommigen misschien wel dertig jaar.’ Er gaan wat namen over de tafel: Jan Slump, Derk Apoll, Roelf Jansen, Jo Schuppert, Arend Kol, Ebel Vaatstra, Jaap van Zanten… Een paar van de bekende Oranjemannen van voorheen.

201308b

Het tiende bestuurslid in actie op 30 april 2013.

V.l.n.r. Ot Tjeerdsma, Patrick van Zanten, Eke-Marie Lofvers 

(foto: Joost van den Berg)

Steeds professioneler
De hang naar traditie betekent niet dat alles bij het oude blijft. ‘Zeker niet!’ zegt Jelle. ‘Vooral de laatste jaren zijn we veel professioneler geworden. We hebben eigen horeca-apparatuur, tenten, een aanhanger, een eigen stroomvoorziening, noem maar op.’ ‘In mijn jeugd,’ vult Kor aan, ‘de tijd van Jan Slump, was er een karretje met ranja voor de kinderen. Dat was het dan. Moet je zien wat er nu op het veld staat!’ Onderdeel van de professionalisering is ook dat het Oranje Comité nadenkt over een geschikte rechtsvorm. ‘Er was steeds discussie over de vraag of wij onderdeel waren van Dorpsbelangen,’ legt Appie uit. ‘Het bleek dat niemand precies wist hoe het zat. Toen is in overleg met Dorpsbelangen vastgesteld dat we zelfstandig zijn.’ Hans: ‘We denken er nu over om er een stichting van te maken, dan kunnen zaken beter geregeld worden.’ ‘We kunnen dan bijvoorbeeld een eigen bankrekening openen, voegt penningmeester Jelle toe. ‘Ook het eigendom van de spullen kan dan officieel vastgelegd worden. De aanhanger staat bijvoorbeeld op mijn naam, terwijl die van het Oranje Comité is.’

Groots jubileumfeest
Professioneel is ook de aanpak van het grote jubileumfeest in september. Twee dagen lang is er in een grote tent op het sportveld van alles te doen. Zo zijn er optredens van de band Hollands Verdriet en het jeugdcircus Santelli. ‘In de organisatie van dat feest steken we erg veel tijd,’ vertelt Kor. ‘Misschien wel wat meer dan we vooraf bedacht hadden.’ Jelle: ‘Als dit een succes wordt geeft dat een enorme kik. Normaal reserveren we een deel van onze winst, zodat we kunnen uitpakken op de dorpsfeesten. Nu komt dit er extra bij.’ ‘Je moet je voorstellen dat je een feest organiseert dat drie keer zoveel kost dan je op de bank hebt staan,’ licht Hans toe. ‘Dus dan moet er wel even wat gebeuren. En daar zijn we al meer dan een jaar mee bezig. Een paar weken na Koninginnedag houden we altijd een evaluatie. Vorig jaar waren we bij die vergadering al druk bezig met het feest en sinds die tijd zijn er veel vergaderingen gevolgd, in een hoge frequentie.’

Waardering en bijdragen uit het dorp
Maar er werd niet alleen gepraat, er werd vooral ook stevig aangepakt. De oud ijzeractie en de rommelmarkt waren een groot succes en spekten de kas flink. ‘Dat is het mooie van Thesinge,’ lacht Kor, ‘als er echt iets moet gebeuren kun je op heel veel mensen rekenen. Als je zag wat we allemaal kregen bij die twee acties, ongelofelijk!’ ‘En dan hebben we het nog niet eens over al die oranje envelopjes en de bijdragen van sponsors,’ merkt Appie op. ‘Wij kunnen wel leuke plannen maken, maar als de mensen in het dorp niet meedoen zijn wij nergens. Als dit lukt - en het gaat lukken! - hebben we dat voor een groot deel aan het dorp te danken.’ ‘Ik ben soms beduusd van het enthousiasme van de mensen,’ bekent Hans. ‘Ik stond bij Koninginnedag te kijken naar die stroom mensen die achter de muziek aan liep. Ik kreeg bijna tranen in mijn ogen.’ Jelle: ‘Het is een beste put werk, maar als je dan ziet waarvoor je het allemaal gedaan hebt… Dat maakt alles goed!’ Kor: ‘Zelfs Prinses Beatrix waardeert ons! We zijn uitgenodigd voor haar afscheidsfeest op 14 september. Maar ja, dan hebben we ons eigen feest al.’ ’Alleen nog even de kaarten verkopen,’ besluit Appie. ‘Maar dat komt ook wel goed. t Is Taisn.’

Rudy Noordenbos