Roelie Karsijns en ondergetekende maakten een afspraak met de heren Postma,
Dijk, Oudman en Groothoff om hun verhaal van de restauratie vast te leggen.
Vrijwilligers
De heer Oomke Postma is door de eigenaar van het pand, Arend Kampen,
benaderd om de gang van zaken bij de restauratie te behartigen. Hij is 28 jaar werknemer
van de firma Kampen geweest en heeft in zijn jonge jaren nog in deze smederij gewerkt.
Toen het bedrijf in 1967 te klein werd en ook te ver bij de klanten vandaan bleek te zijn,
werd het gesloten en in Hoogezand verder opgebouwd. Het werd toen een machinefabriek,
constructiebedrijf, pijpleidingbedrijf en installatiebedrijf. De laatste jaren werkte
Postma als bedrijfsleider in het filiaal in De Lier in Zuid-Holland. Van maandagochtend
tot vrijdagavond was hij dan van huis. In '91 is hij met de VUT gegaan.
De vereniging van Dorpsbelangen heeft ook drie mensen gevraagd om hand- en spandiensten te
verrichten in de periode die vooraf ging aan de restauratie, tijdens het verbouwen en
straks bij het opnieuw inrichten van het museum.
In het woonhuis dat bij de smederij hoort, woont Having Dijk. Ook hij is oud-werknemer van
Kampen en werkte 19 jaar in het bedrijf in De Lier. Sybolt Oudman heeft 13 jaar bij een
mechanisatiebedrijf gewerkt en daarna tot aan de VUT bij kraanbedrijf Lommerts. Eisse
Groothoff kon niet aanwezig zijn bij het gesprek, maar helpt ook mee en brengt zijn kennis
in om de smederij zo authentiek mogelijk te laten terugkeren in de oude staat.
Bouwvergaderingen
De plannen voor restauratie van de smederij bestaan al enkele jaren.
Begin '98 werd een vergadering belegd in het gemeentehuis te Ten Boer. De financiële
zaken moesten geregeld worden. Kampen hield het pand in eigendom en steekt er het grootste
deel van het bedrag in dat nodig is voor de restauratie. Daarnaast werd er subsidie
verstrekt door de gemeente Ten Boer en het Scholtenfonds. Totaal moest er drie ton
beschikbaar zijn.
De Stichting Woonhuismonument voert de restauratie uit in overleg met Kampen. De architect
is R. Kouwen en het werk wordt gedaan door de Werkgemeenschap Fivelingo uit Appingedam.
Het betreft een leerproject voor twee jongens, die veel begeleiding nodig hebben. Ze
leveren goed werk, maar het kost extra tijd.
Vanaf september zijn er tien bouwvergaderingen geweest; de architect spreekt dan de
voortgang door met Postma, Dijk en drie mensen van Fivelingo.
Stof van 50 jaar oud!
In juni '98 werden alle spullen van de zolder en uit de werkplaats zo
overzichtelijk mogelijk in twee enorme zee-containers opgeslagen. Wat er dan allemaal
tevoorschijn komt! Van de zolder kwam nog veel hout en steengoed uit de tijd dat er in dit
pand een winkel was. Een deel van de heel oude weckflessen werd in "de Wingerd"
verkocht. Er komt nog een vergeten fiets en een complete tent met toebehoren onder de
dikke laag stof en vuil vandaan. Having Dijk: "Stof van 50 jaar oud. In ons huis was
het zelfs te merken dat de boel daar los kwam. Overal stof!" Ook werd een van de
eerste gasleidingen uit ongeveer 1930 verwijderd. Toen kon het dak eraf. Omdat er asbest
platen op lagen, kwamen de "Maanmannetjes" om het vakkundig op te ruimen.
De bouw
Er kwamen dakplaten op deels nieuwe spanten. Vooral aan de voorkant
waren de spanten verrot. Waar vroeger een afdak zat, is nu een gebouwtje verrezen dat gaat
dienen als ontvangstruimte. Het is compleet met een keukenblokje, en een keurig toilet in
het halletje. De kozijnen zijn gerestaureerd en op dit moment hangen er mallen voor
"blinden" naast de ramen. Dit om te kijken hoe het staat tegen de gevel.
Roelie vindt dat `t de zaak meer cachet geeft! We zijn benieuwd wat er beslist wordt.
De deur is nieuw nagemaakt en de grote schuurdeuren zijn gerestaureerd. In de smederij is
de rookkap vernieuwd en wordt een nieuw rookkanaal aangelegd. Er zullen weer twee
smidsvuren in branden op smeedkolen. Dit zijn speciale oliehoudende kolen.
De oude motor voor de slijpsteen, boormachine en veerhamer is nog in revisie, maar komt op
tijd klaar voor gebruik. (Een veerhamer is een apparaat dat gebruikt werd voor zwaar
smeedwerk.) Naast de vuurplaats komen de aambeelden (stalen blokken waarop gesmeed werd)
en een zadelblok, waarin de smid verschillende vormen in het ijzer kon maken.
Wat moet er nog gebeuren?
De organisatie ziet er volgens Postma als volgt uit: "De schilder
en de tegelzetter kunnen er nu in. De containers worden gedeeltelijk leeg gehaald en
ergens in de buurt weggezet. Daarna kan de stratenmaker de hele hoek tot aan de buren
bestraten. De bedoeling is dat er te zijner tijd een smeedijzeren hek omheen komt.
Voor het terugzetten van alle spullen in de smederij trekken we zeker een jaar uit. We
willen alles rustig bekijken, de juiste plek ervoor vinden en de belichting in orde maken.
Voor de kleinere materialen zouden we in de ontvangstruimte een vitrinekast in kunnen
richten.
Volgens de overleveringen bestaat de smederij op "smidshouk" al sinds het eind
van de vorige eeuw. De eerste naam die Dijk te binnen schiet, is smid Dekens.
Zijn opvolger was Siekman; gevolgd door Blauw, die naar Australië vertrok.
De voorlaatste smid was Lammerts en de hekkensluiter was de vader van Arend Kampen, die
uit Zeerijp afkomstig was. In 1967 werd dit bedrijf gesloten.
Museum de smederij
Dorpsbelangen heeft de bedoeling om de smederij te openen op afspraak. In samenwerking
met 't Jopje-arrangement worden mogelijk openingstijden bepaald en ook tijdens feestdagen
in het dorp. Dit moet nog uitgeprobeerd worden en in de praktijk zal blijken hoe vaak en
hoe lang het museum geopend is. Er zal geen entree gevraagd worden, maar men kan een
vrijwillige bijdrage geven. Voor het verzorgen van een rondleiding worden vrijwilligers
gezocht. Zij zullen eerst flink in de leer moeten bij de mannen die het geheim van de smid
al kennen.
Truus Top