Maandelijks Nieuwsblad voor Garmerwolde Thesinge en omstreken

26e jaargang december 2000


Ik repareer alles waar een stekker aanzit

Elektrotechniek is een vak voor nieuwsgierige, leergierige, nauw­keurige mensen. In de loop der jaren is er op dit gebied veel veranderd en zal er nog veel veranderen. Daarom gaan we op bezoek bij een deskundige om zijn kennis en ervaring op dit gebied te vernemen.

"Ik repareer
alles waar een
stekker
aanzit,
behalve
computers."

Deze uitspraak komt uit de mond van Dick van der Ree, elektrotechneut in hart en nieren.

december2000.jpg (23767 bytes)
Elektrotechneut Dick van der Ree in zijn werkplaats. (Foto: Wolter Karsijns)

In zijn werkplaats aan De Dijk in Thesinge, staat een uitgebreid arsenaal aan meetapparatuur en instrumenten. Er is een reparatieruimte voor grote apparaten en een stofarme ruimte voor verfijndere apparatuur.

Van Harderwijk naar Thesinge
In de jaren zeventig vestigt Dick van der Ree zich samen met zijn vrouw Corrie en dochter Karin in het Groningse Thesinge. Vanuit het Gelderse Harderwijk. Deze verhuizing is nodig om dichterbij de Guyotschool, een school voor doven en slechthorenden, te wonen. Zo kan dochter Karin het voor haar noodzakelijke speciale onderwijs volgen en thuis blijven wonen.
In Thesinge wordt hun dochter Mirjam geboren. De in oorsprong tijdelijke oplossing blijkt, na enkele aarzelmomenten, een permanente beslissing. Hun, volgens Corrie, oude krot wordt een - door henzelf opgeknapt - gezellig woonhuis aan De Dijk.  

Te dure kracht
Na de MTS gaat de achttienjarige Dick aan het werk bij een zaak in elektronica. Als medewerker technische dienst. Hij werkt zich op tot hoofd technische dienst bij de serviceafdeling van een zaak in Harderwijk. In Groningen kan hij in dezelfde functie aan de slag. Helaas blijkt in 1982 dat hij een te dure kracht is voor de inkrimpende serviceafdeling.
Dick zit niet bij de pakken neer en begint voor zichzelf. Zijn werkzaamheden bestaan in de begintijd voornamelijk uit het aanleggen van antennes. Door mond-op-mond reclame verschijnt de groene servicebus bij vele huizen in de regio om een goede ontvangst van de televisie- en radiozenders te waarborgen. Door de aanleg van de kabel verdwijnen deze werkzaamheden nagenoeg. Begin jaren tachtig doet de kleurentelevisie zijn intrede. Massaal worden de zwart-wit toestellen vervangen door een kleurentoestel. Een gouden tijd voor televisie-installateurs, zoals Van der Ree.

Service
Anno 2000 is de concurrentie op het gebied van elektronica groot. Vooral wat verkoop van de apparaten betreft. Eenmansza­ken als Van der Ree kunnen qua prijs niet op tegen de grote zaken. Deze kopen grote partijen in en bedingen een aankoopkorting bij de groothandel.
De kracht van kleine eenmansbedrijven als Dick v.d. Ree ligt dan ook niet in een lagere verkoopprijs, maar in de service die bij de verkoop verleend wordt. Een voorbeeld. Als Dick een televisietoestel verkoopt, worden de zenders in de werkplaats voorgeprogrammeerd. Daarna wordt het toestel bij de klant thuis gebracht en geïnstal­leerd. Soms blijkt dat de kabelaansluiting van het toestel niet goed is. Deze wordt dan (tegen meerprijs) in orde gemaakt. Na een uitgebreide (bedienings)instructie verlaat de installateur het pand. Dick zegt niet eerder tevreden te zijn dan dat de klant dit ook is.
Bij grotere zaken wordt deze service niet (meer) verleend. Econo­misch gezien kan dit niet meer uit. Een apparaat wordt na aankoop vaak door de klant zelf mee naar huis genomen of wordt door een niet-technische chauffeur afgeleverd. Stekker erin en kijken maar.
Helaas is dit niet altijd het geval. De gebruiksinstructie wordt doorgenomen, maar blijkt voor menigeen best wel ingewikkeld. Kinde­ren, buren of kennissen worden ingeschakeld om het een en ander te programmeren. Het apparaat is dan misschien wel goedkoper, maar de rompslomp eromheen groter.

Verandering van technieken
Gebruiksaanwijzingen van de steeds weer vernieuwde apparatuur worden ook door Dick grondig doorgenomen. De apparaten en de reparatietechnieken veranderen snel. De bijscholing, gegeven door de leveranciers, wordt nog maar summier gegeven en zijn, als ze gegeven worden, te prijzig en te specialistisch. Deze worden dan ook alleen maar gevolgd door servicemonteurs die bij een groot bedrijf werken en specialistische reparaties verrichten. De omzet en reparatiefrequentie liggen bij een eenmanszaak te laag.
Reparatieapparatuur moet ook steeds worden aangepast en vernieuwd. Deze apparatuur wordt door Dick gekocht of zelf ont­wikkeld. Hele specifieke reparaties laat hij door derden verrichten.

Duurzaamheid?
Vijftiger Van der Ree zegt zijn tijd wel uit te zingen, maar voorziet geen goede toekomst voor een bedrijf als het zijne. "Ik verdien mijn boterham, ben hier tevreden mee, maar rijk word je er niet van." Alhoewel er in de loop der jaren in de meeste huizen veel apparatuur is bijgekomen. Magnetrons, video, compact-disc-spelers, wasdrogers etc. In principe verkoopt en repareert Dick al deze apparatuur.
In principe. Soms kan het niet uit om een arbeidsintensieve reparatie uit te voeren. De te vervangen onderdelen zijn zo prijzig dat het voordeliger is een nieuw exemplaar te kopen. De apparatuur wordt veel sneller afgeschreven. Een fabrikant in de jaren zeventig verplichtte zich om gedurende tien jaar onderdelen te kunnen verstrekken voor het gefabriceerde product. Anno 2000 is dit anders geworden. Om een autoradio van vier jaar oud te kunnen repareren, had Dick onlangs een onderdeel nodig. Hij belde daarvoor met de desbetreffende leverancier. Het onderdeel was niet meer leverbaar, de autoradio was al te oud. "Laat de klant maar een nieuw exemplaar kopen," was het advies.
De duurzaamheid van apparatuur staat hoog in het vaandel bij Dick. Koop duurzame apparatuur, wees er zuinig mee en je hebt er jarenlang plezier van. Dit advies is geen gemeengoed. Het aanbod van B-artikelen is dan ook aanlokkelijk, lekker goed­koop. Als iets stuk gaat, dan koop je toch weer snel iets nieuws!

Minimale prijsstijging
De conclusie is dan ook dat (huishoudelijke) apparatuur steeds meer gemeengoed is geworden.
Tegelijkertijd is de duurzaamheid van deze apparaten gedaald. Men koopt sneller een nieuw exemplaar. Verhoudingsgewijs zijn de prijzen van huishoudelijke apparatuur in de loop der jaren minimaal gestegen. Uit eigen ervaring weet ik (RKS) dat een wasmachine anno 1977 bijna net zo duur was als een vergelijk­baar exemplaar anno 1998. Deze huishoudelijke hulp heeft mij na 21 jaar trouwe dienst in de steek gelaten. Hoe de nieuwe hulp met meer knoppen en mogelijkheden (en dus meer storingsmogelijkheden) zich houdt? Afwachten maar.

Roelie Karsijns-Schievink