Maandelijks Nieuwsblad voor Garmerwolde Thesinge en omstreken

28e jaargang juni 2002
 

Een dag vol magie

"Willen diegenen, die dringend tot het klooster willen toetreden, nu hun hand opsteken?" Forsend kijkt pater Innocentius de kerkgangers aan. Niemand verroert zich. Hier en daar giechelt stiekem een kind; volwassenen kijken vol verwachting de pater aan wat er nu zal gebeuren.

Zal de pater in woede ontsteken en iedereen een lang gekweld leven in het vagevuur voorspellen? Gelukkig blijkt pater Innocentius zo'n kwaaie nog niet: hij geeft ze waarvoor ze zijn

    
Monnikenweekend in Thesinge (Foto: Henk Remerie)

gekomen: de magie van een verhaal!
Op zaterdag- en zondagmiddag 8 en 9 juni stond het klooster van Thesinge centraal in het verhaal over de avonturen van pater Marcellus, die in de 7e eeuw v. Christus het christelijk geloof naar Thesinge bracht. De Stichting Oude Groninger Kerken had verhalenverteller Marcel van der Pol ingeschakeld om als pater Innocentius de kinderen in woord en gebaar de geheimen van het kloosterleven uit de

De twee dagen werden georganiseerd in het kader van de manifestatie "De magie van het boek". Van 5 tot en met 16 juni stond de provincie Groningen in het teken van het boek. 188 inzenders hoopten dat hun creatie gekozen zou worden als nummer 1 in de wedstrijd "Maak je eigen Boek!", er kwam een speciale publicatie uit over de eerste in Groningen gevestigde drukkers, geheten "Zoals het Gedrukt Staat", in de stad waren er boekenbeurzen, lezingen en voordrachten en op 8 en 9 juni waren er gevarieerde boekenroutes uitgezet door de gehele provincie. In verschillende dorpen stonden schrijvers en hun geschriften centraal in de vorm van literaire wandel- en fietstochten, exposities en lezingen en in Thesinge vormden de 13e eeuwse geschriften van de abten Emo en Menko de basis voor een spannend verhaal.

Met galmende stem vertelde pater Innocentius hoe pater Marcellus de strijd aanknoopte met de heidense rituelen op de veengronden rondom Thesinge. De dorpelingen hadden de bouw van een houten kerkje niet in de weg gestaan, maar waren met geen stok de kerk in te krijgen. Liever gingen zij bij nacht en volle maan naar de eikenboom buiten het dorp, waar de magische Sybille de goden aanriep voor betere tijden. Deze bijeenkomsten mondden regelmatig uit in wilde feesten van dans en zang, tot grote ontzetting van pater Marcellus! Om de zielen van zijn ontaarde dorpsgenoten te redden, groef de pater een gang onder het klooster door naar de eikenboom en verraste daar op een nacht de feestende meute: Sybille schrok zich een hoedje en viel van schrik in de vijver; het oude wijf verdronk jammerlijk.
Pater Marcellus kon zich vanaf die nacht verheugen op volle bak in zijn bescheiden kerkje. Helaas werd zijn overwinningsroes overschaduwd door schuldgevoelens: hij had iedereen gered van het vagevuur, behalve één: Sybille! En zijn geweten knaagde. Om haar ziel te redden, ging er elke nacht een groep monniken al zingend naar de vijver onder de eikenboom ... en elke nacht kwam Sybille een klein stukje boven het water uit. De volhouder wint; maar na ruim driehonderd jaar nachtenlang zingen, kregen de monniken last van hun keel. Gelukkig kwam er versterking in de persoon van een rondtrekkende troubadour (een zingende, dichtende en verhalen vertellende man of vrouw, die langs de adellijke hoven trok om de verveelde edellieden te vermaken met smakelijke belevenissen van zondaars, zielepoten en miskende geliefden). Deze troubadour volgde op een nacht de zingende monniken, nieuwsgierig naar dit nachtelijk terugkerend ritueel. En daar zag hij Sybille; die geen oud wijf bleek te zijn maar een wonderschone vrouw, waar de troubadour als een blok voor viel! Hij zong mee en hield niet meer op; en zong zeven weken en een nacht totdat Sybille geheel uit het water kwam. En ze leefden nog lang en gelukkig.
En pater Marcellus kon eindelijk rusten: zijn werk in het aardse bestaan zat erop.
Het houten kerkje kreeg in de 13e eeuw een duurzamer behuizing in de vorm van een serieus klooster van steen. En zo geschiedde.

Ook al is het kerkje nog niet half gevuld, alle aanwezigen hebben zich drie kwartier laten meevoeren op een tocht door het kloosterleven in de Middeleeuwen, een leven dat voor velen toch vaak een mysterie is.
Om een jongere doelgroep te enthousiasmeren voor de oude kerken en kloosters in de provincie Groningen, organiseert de Stichting Oude Groninger Kerken educatieve projecten, waarvan de Focke-dagen in Westeremden inmiddels al meer bekendheid genieten. Bijbehorende kinderboeken en lesmateriaal zijn te koop in de boekhandel en werden zaterdag en zondag door een aantal charmante nonnen in bruine monnikspijen te koop aangeboden. Waarschijnlijk waren de pest, de kerstvloed en andere misère van de 13e eeuw er de oorzaak van dat er bezuinigd was op hun gewaden.
Jammer was het dat het bezoekersaantal van de voorstellingen (elk van een klein uur) tegenviel wegens activiteiten in Garmerwolde en omgeving. Desalniettemin heeft pater Innocentius de belangstellenden in de greep van het verhaal vastgehouden: prachtige zang, klokkengelui, kaarsen en het grote magieboek gaven je het gevoel eeuwen terug te reizen in de tijd.
En laten we vooral de pijlers van het kloosterleven niet vergeten: de broeders, tot in detail en met griezelig veel overgave gespeeld door onze eigen dorpsmannen! Gezeten in een halve kring rondom de abt, belichaamden zij het ware monnikenwerk: bidden, werken, eten en slapen. En natuurlijk tussen de bedrijven door even een kopje koffie, een sigaretje of een biertje in het zonnetje op het kerkhof.

"Zijn er nu nog belangstellenden voor het klooster?" galmde de vraag van pater Innocentius door de kerk aan het einde van zijn verhaal. Niemand stak zijn hand op ...

Karline Malfliet