|
"Doe eens bewust iets anders en wacht
het resultaat af. Dat kan iets heel nieuws opleveren", zegt Theo Spijker.
De bloemenhandelaar, kunstschilder, wadloper, hardloper en hobbykok met
belangstelling voor filosofie is er zelf het levende bewijs van. Een
gesprek over lastige klanten, een van de mooiste dagen uit zijn leven en
snot voor de ogen.
|
Wie is Theo
Spijker?
Theo woont in Garmerwolde, aan de Dorpsweg 11, tegenover het
doktershuis. Hij kwam er in 1993 wonen met zijn toenmalige vrouw
Joke, en hun kinderen Tim en Cathelijn. Inmiddels zijn de
kinderen uitgevlogen en sinds vier jaar woont Theo met
Hilde-Marie in het inmiddels verbouwde en uitgebreide huis.
Hij is geen Groninger, dat hoor je meteen. Theo (1956) werd
geboren in Laren, waar hij tot zijn 23e woonde. Hij ging er naar
de rooms-katholieke lagere school en naar de mavo. En daarna, op
de bromfiets, naar de middelbare tuinbouwschool in Utrecht. De
liefde bracht hem naar het Noorden. Hij vond er een kamer boven
een café, in het gehucht Hefswal, en ging aan de slag bij een
houthandel.
"Ik verstond mijn collega's niet. Het Gronings klonk mij als
Arabisch in de oren."
Begin jaren tachtig begon hij voor zichzelf als ambulant
bloemenhandelaar. "Als een soort SRV-man reed ik door de straten,
met een grote bel kondigde ik luid mijn komst aan."
Bloemenhandelaar is hij nog steeds maar door de straten rijdt
hij niet meer. Hij verkoopt vanuit zijn wagen bij
bejaardentehuizen en heeft onder meer restaurants en
ziekenhuizen als vaste klant. En natuurlijk is er zijn kleine 'filiaal'
in de Agrishop in Garmerwolde. |
|
 |
| |
|
Theo Spijker; de bloemenhandelaar,
kunstschilder, wadloper,
hardloper en hobbykok. (Foto: Margriet de Haan) |
|
|
Koop bloemen met je
hart
"Bloemen:
een mooi, maar moeilijk artikel", zegt Theo. "Heel iets anders dan een
kopje of een theedoek, om maar iets te noemen. Mensen hebben er hoge
verwachtingen van. Een bos chrysanten moet toch wel drie weken staan. In
mijn begintijd had je in de winter een beperkt assortiment: narcissen,
tulpen en fresia's, zal ik maar zeggen. Nu zijn er veel meer soorten.
Dus moet het er ook allemaal zijn. Vroeger kende je de kwekers, wist je
ook welke kwaliteit je kreeg. Nu komen veel bloemen uit het buitenland,
en moet je maar afwachten wat je krijgt. Veel mensen klagen ook dat
bloemen sinds de komst van de euro veel duurder zijn geworden. Maar dat
is echt niet zo. Voor vijf gulden kreeg je echt geen bos bloemen meer.
In het buitenland willen mensen graag open bloemen, zeker om aan een
ander cadeau te geven. Maar wij Nederlanders zijn zuinig. We kopen
bloemen graag in de knop, zodat we er zo lang mogelijk iets aan hebben.
Maar als de kweker ze te rauw snijdt, komen de knoppen weer niet open.
Kortom: als bloemenverkoper krijg je veel commentaar van klanten, je
doet het niet gauw goed. Ik ken collega's die daar niet meer tegen
kunnen en ermee stoppen. Zelf heb ik er ook wel last van, maar ik ga er
nuchter mee om."
"Bloemen, koop ze om hun vorm, kleur of geur.
Koop ze met je hart.
Koop ze om hun vergankelijkheid en geniet er van."
Theo Spijker
Het nu
"Toen ik mijn bloemenhandel
had opgebouwd, vond ik het tijd om verder te kijken. In mijn jeugd was
ik niet gemotiveerd om te studeren. Dus ik dacht: dat ga ik nú doen. Ik
koos voor de studie cultuurwetenschappen aan de Open Universiteit:
literatuur, cultuurhistorie en filosofie. Ik heb die studie niet
helemaal afgemaakt, maar er veel aan overgehouden, een brede algemene
ontwikkeling bijvoorbeeld. De filosofie vond ik het leukst. Wat ik
bijvoorbeeld fascinerend vind, is het moment nu. Jonge mensen kijken
naar de toekomst, oude naar het verleden. Maar waar beleef je bewust het
moment van nu? Een boeiend proces vind ik ook handelen, iets doen en
daardoor iets veranderen, iets onverwachts teweegbrengen. Het resultaat
kan een heel positieve uitwerking hebben op een mens."
Zelfportret met hoed
"Alles is al geschilderd en
toch blijft een schilderij maken een interessante bezigheid. Niet alleen
het resultaat is belangrijk maar ook het schilderen zelf.
Ik heb altijd al willen schilderen. Toen ik midden dertig was, kwam het
er van. Ik zag in de krant een advertentie voor een cursus en pakte
door. Daarna heb ik meerdere cursussen, waaronder portrettekenen,
gevolgd bij verschillende kunstenaars. Bij de een leerde ik dit, bij de
ander dat." Theo wijst op een schilderij met paarden en op een ander met
drie vrouwen. "Deze heb ik bijvoorbeeld gemaakt in de stijl van Karel
Appel. Eerst breng je de kleuren aan, dan de lijnen. Er zijn zo veel
manieren, eigenlijk ben ik nog steeds zoekende." Weer heel anders is het
schilderij dat Theo 'Gado Gado' heeft genoemd: een strakke, abstracte
vlakverdeling, waarin een gezicht is verborgen. Dan is er nog het 'Zelfportret
met hoed' uit 2008. "Het laatste schilderij dat ik gemaakt heb. Het
schilderen zit nog wel in mijn hoofd, maar er zijn zo veel andere dingen…
wadlopen bijvoorbeeld."
|
Fascinerend wad
"Het wadlopen heb ik
eigenlijk bij toeval ontdekt. Mijn moeder was net overleden, en
ik nam mijn vader en mijn familie mee naar Pieterburen, naar de
zeehondencrèche van Leni 't Hart. Daar zag ik een folder over
wadlopen. Met mijn zoon Tim heb ik later een wadlooptocht
gemaakt. Fascinerend vond ik dat. Je loopt zo'n anderhalf uur
over |
|
 |
| |
|
Theo met een groep op het wad |
het wad door geulen en over zandplaten,
je ziet geen weg, je hebt geen herkenningspunten.
Ik werd nieuwsgierig: hoe werkt dat? Toen ik me voor een tocht naar
Rottumeroog wilde inschrijven, zat die vol. Ik bleef maar doordrammen.
Toen zeiden ze daar: 'Als je het zo leuk vindt, waarom word je dan zelf
geen gids?' Zo gezegd, zo gedaan. Ik heb theorie- en praktijkexamen
gedaan en werd aspirant-gids, hulpgids en uiteindelijk hoofdgids. Sinds
vier jaar heb ik mijn eigen bedrijf: 'Wadlopen met kleine groepen'.
Het Nederlandse waddengebied is een van de mooiste waddengebieden ter
wereld. Het is ook het meest uitgestrekte aaneengesloten waddengebied
ter wereld en zeer belangrijk voor de miljoenen vogels die hiervan
afhankelijk zijn. Daarom staat het gebied ook op de werelderfgoedlijst
van Unesco en heeft het dezelfde status als bijvoorbeeld de Grand Canyon
in Amerika."
Praten met een huilertje
"Ik
vind het geweldig leuk om mensen dit gebied te laten zien. Dit is óók
Nederland. Maar ik ga ook graag alleen het wad op. Dat moet ook voor het
seizoen weer begint. Dan ga ik de route verkennen, kijken wat er
allemaal gebeurd is. Door storm en ijsgang bijvoorbeeld kunnen geulen en
slikvelden veranderd zijn.
Een van de mooiste dagen van mijn leven heb ik beleefd op Simonszand,
een zandplaat tussen Schiermonnikoog en Rottumeroog. In mijn eentje,
bepakt en bezakt, tentje op de rug, ging ik erheen. Mét een
metaaldetector, want dat wilde ik ook wel eens doen. Maar dat had ik na
twintig minuten wel gezien. Toch kwam het apparaat me nog goed van pas,
want ik was op de heenweg mijn tentstokken verloren . Met de
metaaldetector en een gevonden paal bouwde ik mijn tentje. In de 24 uur
dat ik daar was, was het twee keer hoogwater, op 5 meter afstand van
mijn tentje! Ik zag er zeehonden en vogels vlak voor mijn neus, en 'praatte'
met een verdwaald huilertje, dat zo'n honderd meter verderop lag. We
hielden elkaar gezelschap. Ook mijn kaart was ik kwijtgeraakt, maar als
je zo veel wadloopervaring hebt, is een kaart niet meer zo belangrijk.
Na een tocht van vierenhalf uur kwam ik toch behouden weer aan land.
Het waddengebied zo uniek en wonderschoon, en zo dichtbij. Soms woest,
soms kalm, maar nooit saai. Eigenlijk moet ieder mens er eens in zijn
leven een paar uur hebben rondgewandeld."
Snot voor de ogen
"Hardlopers vond ik altijd
maar uitslovers. Maar een jaar of tien geleden, wilde ik dat toch ook
wel eens doen. Hardloopschoenen kreeg ik voor mijn verjaardag. Toen
moest ik nog het lef hebben om die hardloopschoenen en sportkleren aan
te doen. Op een tweede kerstdag was het zo ver; ik liep maar meteen een
rondje van vijf kilometer. Een spierpijn dat ik gehad heb. Pas drie
maanden later was ik zo ver dat ik dat rondje weer af kon leggen. Ik
bouwde geleidelijk aan mijn afstand op, van vijf naar tien kilometer,
tot aan de halve marathon. De eerste Bommenberendloop ooit liep ik net
binnen de twee uur. Daarna moest ik wel naar de auto worden gedragen. Ik
heb nu zo'n zes hele marathons gelopen, mijn snelste tijd was 3 uur en
38 minuten. Hele marathons loop ik niet meer, maar hardlopen doe ik nog
steeds. Het is soms heerlijk om met snot voor je ogen te lopen."
Kokkels van de kok
Koken voor groepen, nog een
hobby van Theo. Voor wadlopers, voor vrienden en soms voor het dorp. Zo
kookte hij een onlangs een driegangenmaaltijd in het dorpshuis van
Garmerwolde. Voor de ingrediënten van het voorgerecht ging hij in de
vroege ochtend met een groep van twaalf dorpsgenoten naar het wad. Daar
werden de kokkels gezocht, die Theo 's avonds als voorgerecht opdiende,
gekookt in witte wijn, geserveerd met toast en kruidenboter. Je bent
wadloper of je bent het niet!
Wadlopen met Theo
als gids? Dat kan. Kijk op
www.wadlopenmetkleinegroepen.nl.
Anne Benneker
|