KopG&T

Maandelijks Nieuwsblad voor Garmerwolde, Thesinge en omstreken

38e jaargang - december 2012

 

Duurzaamheid

Duurzaam is een begrip dat de laatste tijd van betekenis is veranderd. Vroeger had je een duurzame vrede (rond de kerst) of een duurzaam apparaat en dat betekende: gaat lang mee.
Nu onze grootste zorg is of de planeet aarde nog wel lang mee gaat, hebben producten en diensten het predicaat 'duurzaam' als ze bijdragen aan minder verspilling en vervuiling.
Duurzaam is dus de opvolger van de woorden milieuvriendelijk en groen.
In dit kader is 'lokaal' een sleutelwoord: voedsel en energie op de plek zelf produceren en aanbieden scheelt een hoop onnodig gesleep met grondstoffen en eindproducten.
Dit kerstnummer van de G&T (een krant die gezien zijn leeftijd toch ook wel duurzaam genoemd mag worden) verkent de ontwikkeling op dit gebied in onze dorpen. Wij hopen dat bij u in deze donkere dagen een lichtje (spaar of led) opgaat om nóg meer duurzaam te denken en te handelen.
Alle medewerkers van deze krant wensen u een vrolijke kerst en een duurzaam 2013.

De redactie

Agrishop: vers en lokaal

201212a

Simons vierentachtig zonnepanelen leveren een deel van de
stroom voor de koeling(foto: Cees Leurs)


De kleine middenstand is door het (super)marktgeweld van de neoliberalisering de laatste decennia zowat uitgeroeid. Groentewinkels, slagers, poeliers en bakkers: allemaal verdwenen. Maar ook het transport van de producten is door schaalvergroting verlegd van lokaal naar regionaal en nog verder. Tegen de verdrukking in heeft Garmerwolde sinds 1999 een 'ouderwetse'
winkel voor lokale producten: de Agrishop van Simon Spanninga. Een duurzaam concept dat klanten uit de wijde omgeving aantrekt.

De aanleiding
Simons vader is boer en hijzelf werkte eerder als assistent-accountant. Toen vanwege de genoemde schaalvergroting de groenteveiling uit het noorden verdween was dit een probleem voor de Groninger groentetelers. Een aantal van hen stak de koppen bij elkaar en zochten een locatie om hun producten rechtstreeks te verkopen en het kantoor waar Simon werkte begeleidde dit plan. Een goede plek was moeilijk te vinden en Simon wees ze op de schuur van zijn pa. Het plan werd uiteindelijk afgeblazen, maar Simon was op een idee gekomen: 'Ik dacht, waarom begin ik er niet zelf een groente- en fruithandel met lokale producten?'
In het begin haalde hij alles zelf op, nu wordt het meeste bezorgd. Het accent ligt nog steeds op lokale producten, als die 'biologisch' zijn is dat mooi meegenomen. Simon herinnert zich de eerste periode als moeizaam: 'Eigenlijk begon het pas te lopen toen groenteboer Eddy Vegter in Ten Boer er mee stopte.'

De groei
Simon: 'Ik ging er al snel ecologisch vlees bijdoen en later, op verzoek van de klanten, ook eco-zuivel. Dankzij de groei kon het assortiment langzaam maar zeker uitgebreid worden met brood en kruidenierswaren, waar mogelijk van lokale leveranciers. De groente is nog steeds voor een deel lokaal, de rest komt van de veiling en de aardappels komen grotendeels uit de buurt. De nadruk ligt dus op vers en lokaal.' Ook de plaatselijke werkgelegenheid vaart er wel bij: Eliza en Sjane werken er vast, op vrijdag en zaterdag is er hulp van een aantal extra krachten.

Duurzame bedrijfsvoering
Het bedrijf doet ook flink aan afvalscheiding: groenteafval wordt opgehaald om als dierenvoer te dienen, plastic, hout en karton / papier worden gescheiden afgevoerd voor recycling.
En sinds deze zomer prijken er vierentachtig zonnepanelen op het dak met een opbrengst van 18000 KWh per jaar. 'We gebruiken heel veel stroom voor de koeling, daar zorgt de zon nu voor een deel voor', vertelt Simon. Ook overweegt hij de open koelvitrine te vervangen  door een met deuren.
Simon is tevreden met zijn keuze destijds: 'Het is veel werk (zomers moet bijvoorbeeld de groente en het fruit elke avond de koeling in) maar zo'n eigen zaak geeft veel bevrediging.
Garmerwolde en Thesinge (en omstreken) zijn ook blij met deze bijzondere verswinkel met gezonde producten, die tegen de economische verdrukking in stand houdt; lokale dienstverlening met producten uit de streek - kortom duurzaam.

Jan Ceulen

Duurzaamheid in de landbouw


Met Piet van Zanten uit Garmerwolde, bij iedereen wel bekend als biologisch boer, ga ik praten over wat duurzaamheid in de landbouw betekent.

Piet geeft aan dat er eigenlijk drie kernen zijn: gesloten kringlopen, dierenwelzijn en hergebruik van grondstoffen. Gesloten  kringlopen speelt vooral in de veehouderij: de boer verbouwt ruwvoer, geeft dit aan de koeien en krijgt hier melk, vlees en mest voor terug; de mest gaat weer terug op het land.
Dierenwelzijn houdt in dat de dieren langer op de boerderij blijven. 'Tegenwoordig is een koe na drie of vier jaar al afgeschreven. Maar eigenlijk is dat te gek voor woorden. De meeste koeien
kunnen wel tien jaar productief zijn. Een goed voorbeeld van op deze manier boeren is Jan Wigboldus.' aldus Piet.

201212b

Piet van Zanten op de trekker(foto: Cees Leurs)


Bij hergebruik van grondstoffen gaat het erom zodanige gewassen te verbouwen dat er zo weinig mogelijk hulpstoffen van buiten nodig zijn. Bijvoorbeeld het verbouwen van mais door de boer zelf. Dit heeft als voordeel dat hij z'n eigen voer verbouwt, maar als nadeel dat er erg veel kunstmest nodig is. Piet vertelt: 'Een veel beter gewas is luzerne, een vlinderbloemige plant die
al meer dan tweeduizend jaar gebruikt wordt als veevoeder. Het haalt de stikstof uit de lucht, die verzameld wordt in de lange wortelkanalen. Daar wordt het door bacteriën die in de grond zitten verder omgezet in mineralen welke deels door de plant zelf gebruikt worden en deels afgegeven aan de grond. Het verbetert de structuur van de grond en verrijkt die bovendien. De verbouw van luzerne is een wisselteelt; om de drie jaar moet het op een ander stuk grond.'

Akkerranden
Daarnaast zijn er nog de akkerranden die, behalve dat het mooi lijkt, ook heel nuttig zijn. Er zijn verschillende pakketten bloemen, voor broedende, doortrekkende of overwinterende vogels. De functie ervan is dat de jonge vogels beschermd worden, het veel insecten aantrekt die weer als voedsel dienen voor kleine knaagdieren. Deze knaagdieren dienen weer als voedsel voor roofvogels.
Tenslotte vermeldt Piet nog de FAB-rand: 'Dat staat voor Functionele Agro Biodiversiteit. Deze rand bestaat uit kruiden en vooral veel bloemen en vormt een leefgebied voor insecten die hun voedsel verzamelen op de naastgelegen akkerbouwgewassen. Deze insecten eten vooral luizen die voorkomen op bieten en granen. In veel gevallen is chemische bestrijding niet meer nodig.'

Detta van der Molen

TIP

Bij de bakker vragen om het brood in jouw meegebrachte zak te doen. Vroeger gingen de mensen met hun melkkan naar de winkel of de boer; het is een goede zaak om, daar waar mogelijk, deze oude gewoonten nieuw leven in te blazen. 

Oliebollen bakken, vet goed voor GEO


Als u dit jaar de oliebollen weer in het vet gooit, denk dan aan GEO. Want de voetbalvereniging is blij met uw gebruikte frituurvet of frituurolie.

Goed voornemen
Maak een goed voornemen voor het nieuwe jaar: gooi vet of olie niet in de grijze container, maar in de gele bak bij GEO. Goed voor het milieu, maar ook voor GEO. Want de voetbalvereniging krijgt geld voor elke volle container.

Geen vet in de grijze container
Als u gebruikt vet of olie in de grijze container gooit, komt het terecht in de vuilverbranding.
Voor de verwerking betaalt de belastingbetaler. Vet en olie die in het riool terechtkomen, kosten de gemeenschap nog veel meer geld. Vet en olie die in een speciale vetcontainer worden gegooid, belasten het milieu niet. Ze worden bovendien gerecycled en verwerkt tot biodiesel.

Hoe werkt het?
Is uw frituurvet of uw frituurolie aan vervanging toe? Laat het oude vet of de olie dan afkoelen en giet ze terug in de originele verpakking of in een afsluitbare plastic fles. Trouwens, ook dat plastic wordt gerecycled. Breng het vet of de olie naar de container bij GEO. Dat kan elke eerste zaterdag van de maand tussen 10.00 en 12.00 uur en op alle momenten dat het clubhuis geopend is. 

De schoonheid van oud hout

201212c

Menno voor zijn zelfgemaakte boekenkast van oud hout (foto: Myla UItham)


In het huis van Menno Oosterhoff en Dineke Linzel aan de G.N. Schutterlaan 20 in Thesinge is alleen maar oud hout verwerkt. Van veel vloeren, wanden en plafonds kan Menno aanwijzen waar het hout vandaan komt: 'Dit gedeelte komt uit een huis hier verderop en dit komt uit Garmerwolde en dat uit Engelbert.' In de tuin staat een bijenstal, nog gemaakt met oude juffers uit de boerderij van Stollinga.

Oud hout is langzaam gegroeid en heeft vaak een hele mooie draad. Menno laat door het hele huis zien hoe mooi het hout is. Het hout heeft hij schoongemaakt en behandeld met lijnolie zodat de structuur zichtbaar blijft. Als het hout goed behandeld wordt dan kan het volgens hem zijn schoonheid prijsgeven. Als je dat niet doet en het oude hout onbehandeld gebruikt in huis
dan krijgt het een rommelig karakter. Dineke vindt de kleuren van oud geverfd hout vaak ook erg mooi. Verder is oud hout ook nog eens veel goedkoper dan hout uit de bouwmarkt. Dat is mooi meegenomen maar niet de reden dat Menno het verwerkt. 'Het gaat mij om de schoonheid. Ik weet niet of dat duurzaam is, maar ik vind wel dat al dat oude hout te snel weggegooid wordt. Hout heeft niet het eeuwige leven, maar ik gun het in ons huis een tweede leven.'

Oud hout heeft rimpels net als een oud mens
Ook dochter Joël begint al met hout te werken. Dineke kreeg van haar als sinterklaassurprise een miniatuur van haar klas met tafeltjes en stoeltjes en hoe kan het anders, helemaal van hout.
Overal waar je in het huis komt, heeft Menno zelf kasten gemaakt. Keukenkasten, kasten met deuren, laden, langwerpig, vierkant. In een aantal ladekasten liggen vakjes met allerlei schijfjes of stukjes hout. Verweerd hout, aangespoeld op het strand. Hout van allerlei boomsoorten met bijzondere nerven of structuren. In de keuken staat een zelfgemaakte tafel, opgebouwd uit
tientallen soorten hout. 'Hout is prachtig materiaal en je kunt er goed mee werken', vertelt hij enthousiast. Het is wel veel meer passen en meten om bijvoorbeeld een vloer te maken met oud hout dan kant en klaar gekocht in de bouwmarkt.
Het mooie hout is het allemaal waard. 'Een oud mens heeft rimpels en is verweerd door het leven. Zo is het met hout ook. Je zet je oma toch ook niet aan de kant.'

Irene Plaatsman 

Waterzuivering in eigen tuin

201212d

Tico, Herbert en Nellian(foto: Myla Uitham)


Hoe zou het met het rietfilter of helofytenfilter van Herbert Koekkoek en Nellian Dijkema aan de Bovenrijgerweg gaan? Jaren geleden berichtte deze krant er al over dat de gemeente Ten Boer een project startte om het afvalwater uit het buitengebied op de riolering aan te sluiten of om afvalwater ter plaatse te zuiveren.

Herbert en Nellian kozen voor zuivering. Een filter van riet levert volgens Herbert en Nellian heel zuiver en helder water op. Dat zuivere water stroomt in hun vijver dat naast het filter ligt. Een voorwaarde is natuurlijk wel dat de (was)middelen die zij gebruiken ecologisch zijn en dus goed afbreekbaar.
Toch ondervonden ze ook pech. De folie die indertijd gebruikt werd, was nog niet zo goed als die van tegenwoordig. Eerst bleek er een lek in het rietfilter zelf te zijn en daarna ook nog in de vijver. Beide lekken werden niet gevonden. Dat is jammer want daardoor kunnen ze het gezuiverde water niet meer gebruiken voor de wasmachine en het toilet.

Elk nadeel heb z'n voordeel
'Voor duurzaamheid moet je soms wel wat over hebben', verzucht Herbert. 'Door de voedingsstoffen in het filter verdringen planten als zevenblad en brandnetel het riet, tenminste als je er niets aan doet.' Dus Herbert moet twee keer per jaar het riet in om die planten eruit te trekken. Een zwaar klusje. Maar elk nadeel heb z'n voordeel. 'Van brandnetel en zevenblad kun je lekkere en gezonde dingen maken, en dat doen we ook,' vertelt Nellian.
Dat duurzaamheid de nodige inspanning vergt, ondervond Herbert ook toen hij met hout en vlasvezel zijn boerderij isoleerde. In een nieuwbouwhuis is alles recht maar in hun boerderij moesten de enorm dikke platen isolatie verzaagd worden in stukjes die precies pasten. Een tijdrovend karwei maar het resultaat is wel een warm huis. 'Voordat de boerderij geïsoleerd werd, was het koud als we 's ochtends de kamer inkwamen, maar nu blijft de warmte van de vorige avond voelbaar.' Die duurzame inspanningen bleken dus uiteindelijk wel de moeite waard.

Irene Plaatsman 

Een kikker in de regenput?

201212e

Pluc bij de waterput (foto: Irene Plaatsman)


In 1996 verhuisden Pluc en Irene Plaatsman met de kinderen naar de Schutterlaan in Thesinge. Zij kochten het huis van mevrouw Van Huis die naar Bloemhof ging. De eerste vier jaar bewoonde

het gezin het huis in de originele staat. Toen wisten ze hoe het moest worden ingedeeld en startte een groot verbouwingsproject.

De voordeur kwam aan de zijkant en het halletje werd bij de woonkeuken getrokken. In de schuurruimte werd aan de achterzijde, met ruim uitzicht over de weilanden, een grote lichte woonkamer gerealiseerd. Vier jaar later waren de grootste klussen gedaan maar er blijft altijd wel wat te wensen in een oud huis dat nog niet helemaal af is. Er werd aandacht besteed aan milieuvriendelijke aanpassingen zoals isolatie en het opvangen van energie door middel van zonnecollectoren om het water van de boiler en de centrale verwarming op te warmen. 'Ook fijn aan ons huis is de grote kelder. Daar hebben we echt heel veel plezier van en het scheelt ons natuurlijk ook in de energierekening. Die voorzieningen vroeger waren zo slecht nog niet .' En zeker milieubewust is het opvangen van regenwater.

Waterput
'Het nut van een waterput bestond voor ons eerst alleen uit het putten van een emmertje om de planten water te geven. Het idee dat alle regenwater in de sloot of in het riool belandt stond ons tegen. We besloten van alle zijden van het dak het water naar de put te leiden. Dit hield in dat er een buizenstelsel onder het huis doorgetrokken moest worden. Door een elektrische pomp in de schuur kan het water gebruikt worden om de wc door te spoelen en we gebruiken het water ook voor de wasmachine. Omdat op het dak ouderwetse cementpannen liggen ziet het water er soms een beetje groezelig uit, vooral in periodes waarin het lange tijd regent en het water veel in beweging is. Toch komt de was altijd goed schoon uit de machine hoor.
De put, met een inhoud van 5500 liter, heeft sinds het nieuwe opvangsysteem nog maar twee keer zo droog gestaan dat de pomp overging op de waterleiding.'
We gaan even buiten naast de voordeur een kijkje nemen en Pluc legt uit: 'Als de waterstand in de put te hoog wordt dan gaat de overloop naar het riool open. Dit kun je in de put ook goed zien. De hals is vrij smal met daarin de overloop. Het reservoir ligt onder het huis. Bij hoog water ruik je weleens die ouderwetse putjeslucht maar dat komt doordat de overloop dan opengedrukt wordt. Het water is zo schoon dat ik er wel eens een slok van geproefd heb. Vroeger was drinken van regenwater heel gewoon en het was voor de mensen zelfs een goed teken als er een kikker uit de put springt als je de deksel optilt. Dan weet je zeker dat het water schoon is! Maar als er een dooie kikker in het water drijft dan moet je oppassen en het water pas drinken als het gekookt is.'

Truus Top 

TIP

Neemvoortaan je boterhammetjes naar je werk mee in een broodtrommel.

Geef je afgedankte goederen niet zomaar mee met de vuilniswagen. Je kan er misschien iemand in jouw omgeving een plezier mee doen.

Energiezuinige woning

201212f

Trijn controleert de druk bij de hydrofoor(foto: Andries van der Meulen)


Negen jaar geleden verhuisden Trijn en Andries van der Meulen naar de Molenhorn in Thesinge. Het huis is door hen zelf ontwikkeld in samenwerking met een architectenbureau.

Goed geïsoleerd
In de spouwmuren zit een isolatielaag van 10 cm en in alle ramen is HR++ glas gebruikt. En het hele huis heeft vloerverwarming. Dat is echt comfortabel! 'Het enige niet-duurzame is dat we geen onverwarmde ruimte hebben. Eigenlijk had er een kelder aangelegd moeten worden. Huizenbouwers zeggen ook dat je pas bij je tweede of derde huis weet hoe alles moet.' aldus Andries.

Water
Ook echt duurzaam is het gebruik van regenwater voor de wasmachine en voor het doorspoelen van de toiletten en de buitenkraan. Ondergronds is er een betonnen waterreservoir geplaatst waar 3500 liter regenwater in kan worden opgeslagen. In natte periodes is er een overloop naar de sloot en bij droogte neemt het systeem van de waterleiding het over. Trijn doet wel, volgens advies, met regelmaat een kookwas tussendoor om de machine bacterievrij te houden. Ook omdat dit sowieso voor elke wasmachine een kwestie van onderhoud is. En als het filter van het reservoir goed schoon gehouden wordt, dan is het water schoon en zacht in het gebruik.

Energie
De aansluiting op aardwarmte (warmtepomp) is voor hen al voorbereid bij de bouw van het huis. Echter, de investering is te hoog gebleken om dit systeem aan te schaffen. Doordat het in eco-wijken nu al vaak wordt toegepast zal de techniek in de toekomst goedkoper worden en dan kunnen Andries en Trijn gemakkelijk overstappen. Er moet een buis ondergronds worden geplaatst waarin water circuleert wat opgewarmd wordt door aardwarmte.
Ook het plaatsen van zonnepanelen is nog een toekomstwens. Ze komen niet op het dak, dat vinden beiden niet mooi op hun rode dak, maar in de slootwal aan de zuidkant van het huis. De bedrijven die zich op deze markt bevinden, zoals Grunninger Power, worden goed in de gaten gehouden.

Truus Top

Een duurzaam en mensvriendelijk huis

201212g

Marinus en Hetty zijn heel tevreden met hun duurzame keuzes
(foto: Myla Uitham)


Hetty van Linge en Marinus Vermue wonen aan de G.N. Schutterlaan 18 in Thesinge. Vooral Marinus is er lang mee bezig geweest: het creëren van een mensvriendelijk huis. En dat is volgens hen beiden een huis met veel daglicht, een huis dat kan ademen en een huis met materialen die zorgen voor een prettige leefomgeving. Bij de bouw van het huis kozen ze voor natuurlijke materialen die ook nog eens goed isoleren, bijvoorbeeld leem, hout en vlas- en houtvezel.

Allemaal materialen die vocht opnemen en afgeven. Toen het huis klaar was, viel het Hetty meteen op: 'De akoestiek is heel prettig en klinkt bijvoorbeeld helemaal niet hol. Dat is echt heerlijk.'

Een huis als een warme jas
Op de wanden zit leem dat laag voor laag is aangebracht. In het leem is het verwarmingssysteem verwerkt. 'Dat geeft een aangename warmte', vindt Marinus. 'Als de verwarming aangaat dan heb je het gevoel dat je in een warme jas stapt.' Zo'n systeem is niet nieuw, zelfs de Romeinen hadden al warme luchtkanalen door de muren. Mochten ze behoefte hebben aan directe warmte dan kunnen ze ook nog de houtkachel aan doen.
In hun huis hebben ze royaal gebruik gemaakt van isolatie, meer dan nodig is voor de norm. Daar hebben ze nu profijt van want het gasverbruik is enorm laag. Tja, en zouden ze nú het huis moeten bouwen, dan hadden ze vast iets gedaan met aardwarmte (dat was een aantal jaar geleden nog te duur). Ook zouden ze nu gebruik maken van 'grijs water', regenwater voor het toilet, de wasmachine en de buitenkraan. Maar de loodgieter die ze destijds hadden vond dat het allemaal wel erg ingewikkeld werd, dus is het erbij gebleven. En hoewel er altijd wel iets te wensen blijft, zijn ze heel tevreden met de duurzame keuzes die ze toen maakten.

Irene Plaatsman 

Houtgestookte CV-installatie

201212h

Ronald Boes bij de houtgestookte CV-ketel die in deze
stookhut opgesteld staat (foto: Cees Leurs)


In Garmerwolde aan de Grasdijkweg gebruikt de familie Boes al jaren een houtgestookte CV-installatie. En dat tot volle tevredenheid van Alineke en Ronald. In 2010 hebben ze de oude installatie vervangen door een nieuwe. Eentje van Pools fabricaat want die zijn net zo goed
als de Duitse maar wel een factor vijf tot zeven goedkoper.

Deze nieuwe hout-ketel werkt volgens het zogenaamde HR-principe. Het hout en de rookgassen bereiken tijdens het verbrandingsproces zo'n hoge temperatuur dat alles schoon verbrandt. Dat wordt onder andere bereikt door met een ventilator verse lucht over de rookgassen te leiden. De ketel is, wat ik noem, een joekel. Een paar kruiwagens hout stort je er compleet in. Als hij volop brandt krijg je hem niet zo een twee drie weer uit. Ronald heeft dus in het primaire watercircuit grote buffervaten opgenomen. En hij is nog een additionele noodkoeling aan het bouwen. Verder staat de ketel in een aparte schuur opgesteld, los van de woning. Als ik hem vraag: 'Waarom een houtgestookte CV-installatie ?', antwoordt Ronald dat hij gemakkelijk aan voldoende hout kan komen. Zeker vroeger toen hijzelf nog een houtverwerkend bedrijf had. Toen sneed het mes eigenlijk aan twee kanten: geen afvoer van houtafval en lage verwarmingskosten. Nu kost het 'hapklaar' maken van het hout wat meer moeite. Stammen in moten zagen doet hij met een kettingzaag maar het kloven doet Ronald met de hand. Het hout dat ik krijg, zegt Ronald, heeft zoveel knoesten dat kloofmachines steeds vastlopen. En verder zegt hij: 'je moet een grote houtvoorraad hebben. Minstens genoeg voor drie jaar, want zolang moet hout drogen wil het in de ketel echt goed branden. En dat luistert nauw, want anders krijg je roet- en teerafzettingen.
'Ronald heeft het hele systeem zelf ontworpen en gebouwd', vertelt Alineke, 'het is eigenlijk ook een hobby van hem, kun je wel zeggen.' Als Ronald en ik het systeem hier en daar in detail gaan bekijken kun je dat ook zien. Om zeker te zijn dat de familie nooit in de kou komt te zitten of zonder warm water, heeft Ronald met een combi-CV-ketel een compleet back-upsysteem gebouwd. Via warmtewisselaars is dat systeem gekoppeld met het houtgestookte systeem.
Aan het eind van ons gesprek merkt Ronald nog op dat wij hier in Nederland eigenlijk verwend zijn: 'Overal, in elk huis bijna, is wel een aardgasaansluiting. En dus een gaskachel of CV-ketel.
Dat heeft er in circa veertig jaar voor gezorgd dat niemand meer weet dat het vroeger een hele klus was om het huis te verwarmen. Bijna elke dag: kachel leeghalen, kachel aanmaken, kolen halen, aanmaakhoutjes hakken, kachel in de gaten houden en bijvullen, etcetra. In de landen om ons heen, waar ze niet zo'n uitgebreid gasnetwerk hebben, komen houtgestookte CV-installaties veel voor. Zeker in de wat meer bergachtige streken.'

Henk Vliem 

Een kelder vol weckpotten

201212i

Mevrouw Ritsema heeft in de kelder nog een tiental gevulde
weckpotten staan (foto: Myla UItham)


Dat is nu haast verleden tijd. Er staan nog een tiental gevulde weckpotten op de planken in de grote kelder van de boerderij van mevrouw Ritsema aan de Kerkstraat in Thesinge. In een hoek staat een weckketel van het nieuwste soort en die wordt nog heel af en toe gebruikt.

Peertjes worden gekookt tot ze rood kleuren en gaan dan in de weckpot en dan in de weckketel om de pot vacuüm te trekken. In deze geëmailleerde ketel, met binnenin een rooster en een thermometer, zijn heel wat vruchten en groenten gaar gekookt zodat ze dan heel lang houdbaar zijn. Mevrouw Ritsema noemt de groenten en het fruit op die ze vroeger op die manier heeft verwerkt. 'En ook vlees werd in de weck gezet. Je moest het wel voorbakken en dan zette ik het in grote twee-literpotten in de weckketel die toen nog van zink was. Deze stond dan anderhalf uur te koken op een stander op het fornuis. Als de bereidingstijd voldoende was waren de potten vacuüm gezogen en kon de klem eraf. Zo hadden we weer een wintervoorraad om alle monden te voeden. Wij waren tenslotte met velen: vijf zonen en een dochter.' Nu staat er heel veel glaswerk leeg op de planken.

Veel werk
'Voordat de groente in de weckpot zat had je er veel werk van. Eerst de moestuin bijhouden en dan de groenten oogsten en verwerken. Nu haal ik een zak gesneden andijvie uit de winkel maar destijds spoelde ik andijvie bij de pomp met regenwater waarna het gesneden werd. Kruiwagens tegelijk kwamen er van de tuin en dan had ik wel hulp nodig om alles te verwerken. Eerst moesten de potten steriel gemaakt zijn met heet sodawater. Andijvie ging rauw in de weckpot evenals boontjes, wortel en tuinbonen. Met een klem om de deksel ging het dan zo'n anderhalf uur in de weckketel. Tenslotte werd de klem eraf gehaald en kon de volgende serie verwerkt worden. Aardappelen en bieten kun je droog bewaren en wortelen ook. Vruchten weckten we ook. Morellen heb ik nu ook nog in kleine potten op voorraad.'
Dat de inhoud van de weckpot heel lang bewaard kan blijven, daar heb ik zelf ook het bewijs van. Mijn eigen moeder weckte ook veel en heeft in 1957 een grote pot gemengde vruchten geweckt die tot op de dag van vandaag nog staat te pronken en waarvan we ons steeds afvragen wanneer we eens zullen proeven of het ook echt goed geconserveerd is. Zo op het oog zien de vruchten er fris uit.

Moderne tijden
Mevrouw Ritsema vertelt: 'Toen de vriezer kwam blancheerden we de groenten en werd alles een stuk gemakkelijker. In de kelder staan twee diepvrieskisten waarvan er nu nog één in gebruik is. Het hele huishouden werd lichter: waterleiding, wasmachine, droger, vaatwasser, stofzuiger en zo kan ik nog wel even doorgaan. Tegenwoordig zijn we van alle gemakken voorzien. De moestuin wordt nu niet meer gedaan. Daardoor kan ik er nu zomaar een paar weekjes tussenuit. Ik ben kortgeleden naar onze zoon Fred in Texas geweest en bij zoon Piet in Duitsland heb ik ook net gelogeerd. De beide kippen leggen wel elke dag een ei en die kan ik mooi gebruiken bij het bakken. Dat vind ik nog wel leuk om te doen. Voor de kerst maak ik graag tulband voor mijn kinderen en hun gezin.'

Truus Top

TIPS

Je moet niet alles strijken. Beddengoed, ondergoed e.d. hoef je niet perse tot in de puntjes te strijken. Zo bespaar je niet alleen energie, maar ook tijd.         
Droog de was bij mooi weer buiten i.p.v. in de droogmachine. 

Moedertje aarde


201212j

Jan Wolt in de gang van Bloemhof bij de door hemzelf gekweekte
ridderspoorplantjes (foto: Henk Vliem)



Voedsel uit eigen moestuin heeft zeker iets duurzaams. En als ik aan een moestuin denk, dwalen mijn gedachten automatisch naar de tuin van Jan Wolt aan de Dorpsweg hier in Garmerwolde. Jan
Wolt woont inmiddels al weer ruim een jaar in de Bloemhof in Ten Boer en dit artikel vormt voor mij een goede aanleiding om eens even bij hem te gaan buurten.

Jan, inmiddels in de negentig, was blij verrast met mijn onaangekondigde bezoek . Hij verzekerde me, dat zo maar bij hem binnenlopen altijd wel kan, maar dat er grote kans is dat je hem niet in z'n kamer treft. Hij heeft namelijk dagelijks nog tal van bezigheden waaronder een wandeling door de buurt. En zo meteen was er een activiteit in de keuvelroemte waar hij bij wilde zijn. Ik kon dus niet te lang blijven.
Jan vertelt dat het hele gezin Wolt het hele jaar gemakkelijk kon eten van de opbrengst uit zijn moestuin. Alleen voor de voorraad winteraardappelen werd er bijgekocht. Hij had altijd aardbeien, rabarber, stokbonen, sperziebonen, andijvie, sla, prei, boerenkool enzovoort. Zo'n moestuin kostte wel veel tijd en de tuin gunde je zeker geen lange vakantie. Als de stokbonen 'klaar' zijn moeten ze eraf en verwerkt, dat kan niet wachten. Vroeger in weckflessen of een Keulse pot, later in de vriezer. 'Wel 400 liter groot', volgens Jan.
Hij had naast de moestuin ook nog een prachtige siertuin. Vele prijzen mee gewonnen, hij glundert als hij er aan terugdenkt. Hij vertelt dat hij hier in de Bloemhof ook weer met een bloementuintje begonnen is. 'Een tuintje van een paar vierkante meter, het mag eigenlijk geen naam hebben', zegt hij. Maar het geeft wel plezier. En hij heeft op de gang, in de vensterbank, ook een tiental potjes met ridderspoor staan. Dat zit zo: hij kwam een paar maanden geleden, op zijn dagelijkse wandeling, langs een tegelpad een ridderspoor tegen met een uitgebloeide tak. Daar kon best zaad van gewonnen worden, dacht hij. En van zaad weer plantjes. Dus zo gedacht zo gedaan.
En nu loop ik dan, op een zaterdagmiddag in de herfst, naar mijn auto met een klein ridderspoortje in mijn hand, gekregen van Jan Wolt. 'Niet direct in de tuin zetten', zei Jan 'want dan vriest hij van de winter kapot. Het is wel een meerjarige plant maar dan moet hij wel wat sterker zijn. Eerst overwinteren in de garage. En pas op voor te veel water geven, want 's winters hebben ze een soort winterslaap.' Ik ben benieuwd.

Henk Vliem


TIP

Sproei de tuin alleen als het langdurig droog is. Liever één keer per week 's avond (overdag
verdampt het water grotendeels door de zonnewarmte) een kwartier, dan elke dag vijf minuten: de planten zullen diepere wortels krijgen en minder gevoelig worden voor droogte. En natuurlijk sproeien met regenwater.

Zien toentje

201212k

Jan Werkman bij zijn kas (foto: Cees Leurs)


Vlak bij mij in de buurt woont een echte tuinman. Als ik namelijk met mijn kleinkinderen naar de paarden in het weiland van de buren ga kijken om ze wat gras of een appeltje aan de paarden te
laten geven, zie ik vaak Jan Werkman in zijn moestuin bezig. Reden genoeg dus om even bij Tineke en Jan Werkman aan de Dorpsweg in Garmerwolde langs te gaan voor een praatje en een bakje koffie.

'Koffie met banket, want daar is het nu immers de tijd voor', zegt Tineke. Jan vertelt dat hij de tuin 'voor z'n plezier' doet. Vooral in het voorjaar, als alles begint te groeien voelt het heerlijk om in het voorjaarszonnetje in de tuin bezig te zijn. De moestuin heeft dan ook een perfecte ligging: ietsje op het zuidwesten gericht, liggend tegen de lichte helling van de huiswierde. Op de tuin staat ook een kleine kas. 'Dat is erg handig om al vroeg in het voorjaar kleine plantjes te kweken', vertelt Jan. Prei kweekt hij bijvoorbeeld uit zaad al heel vroeg op, want de jonge prei moet je op tijd in de tuin kunnen poten, willen ze uitgroeien tot flinke jongens. Naast de prei staan er onder meer rode biet, wortels, bonen, radijsjes, spitskool en andijvie in de moestuin. En natuurlijk sla, in alle mogelijke soorten. Tineke en Jan eten zo'n beetje het hele jaar uit de tuin. En dan het liefst verse groente. Ze hebben wel een vriezer maar die gebruiken ze weinig. Ook hun kinderen krijgen regelmatig een maaltje mee. 'Er is meer dan genoeg', zegt Tineke.
En naast de moestuin hebben ze nog bessenstruiken, een paar druivenstokken, een tiental fruitbomen plus nog een walnotenboom. Maar die is nog jong, dus daar komt nog niet zoveel vanaf. Met de appels gaat dat beter, Tineke perst al jaren haar eigen appelsap. 'Slechts' honderd liter deze keer, maar dit jaar was dan ook een slecht appeljaar. Die fruitbomen zijn oude hoogstamrassen. Ze staan er nu zo'n acht jaar en konden destijds gratis geplant worden via een actie van Landschapsbeheer Groningen. En dat dan inclusief een schapenraster per boom. Een aardige wetenswaardigheid is dat circa vijfendertig jaar eerder de grote oude boomgaard die voor de boerderij stond, met subsidie gerooid is. In het kader van een sanering kreeg je destijds vijfentwintig gulden premie per boom.
Na nog een bakje koffie en wat gepraat over het prachtige uitzicht vanuit de woonkamer over de weilanden richting Noorddijk stap ik op en fiets weer over de lange oprijlaan. Nu richting huis, langs de eeuwenoude toren komend van de eeuwenoude boerderij.

Henk Vliem

Thesinge vindt zon

201212l

Een tiental Thesingers is de afgelopen jaren, meer dan de rest van het dorp, zonaanbidder geworden. Ze lopen extra warm voor zonnestralen omdat ze dan tevreden naar de opbrengst van hun zonnepanelen kunnen kijken. Naast dat van ondergetekende zijn er nog acht huizen waar de elektriciteitsbehoefte - soms geheel - gedekt wordt door gratis zonne-energie.

Hoe werkt het?
Zonnepanelen zetten licht om in elektrische stroom; hoe meer licht, hoe meer opbrengst. De gelijkspanning wordt door een omvormer omgezet in 220 volt wisselspanning en aan het net geleverd. Het piekvermogen per paneel is zo'n 230 watt, de opbrengst is afhankelijk van de hoeveelheid licht en die is weer afhankelijk van het weer. Gemiddeld levert een paneel in Nederland per jaar zo'n 175 KWh. Als je zelf geen of weinig stroom gebruikt loopt je meter terug. Zolang je per saldo niet meer levert dan je gebruikt krijg je de volle mep terug van je energieleverancier. Bij de huidige prijzen betekent dit dat je na een jaar of acht quitte speelt, daarna ga je verdienen - na 16 jaar heb je je geld verdubbeld, daar kan geen spaarbank tegenop! Daarnaast is zonne-energie 100% CO2-neutraal en helemaal gratis.
Een installatie is de afgelopen jaren vier keer zo goedkoop geworden, de vroegste instappers doen er dus langer over voordat het uit kan.
Het installeren is relatief eenvoudig en door handige doe-het-zelvers goed uit te voeren. Voorwaarde is wel dat je dak genoeg ruimte biedt en naar de goede kant gericht is: het zuiden is het beste, zuidoost en zuidwest kan ook en een plat dak is ideaal: dan kan je zowel de hoek als de richting optimaal instellen.

Rondje Thesinge
Uw verslaggever stelde de zonnepaneelbezitters van Thesinge een aantal vragen en onderzocht tevens wat ze nog meer deden of van plan waren op het gebied van duurzaamheid.

Henk en Reina Busscher aan de G.N. Schutterlaan waren de eersten: al zo'n tien jaar geleden namen ze acht panelen over van kennissen om wat aan hun 'CO2-voetafdruk' te doen. Henk: 'Het motto is praktisch idealisme: zonder veel moeite je energiegebruik dempen en zo je geweten sussen.' Omdat ze er destijds veel voor hebben betaald kan het niet echt uit, maar met een redelijk aandeel in hun stroomgebruik bereiken ze in ieder geval hun doel: een bijdrage aan duurzaamheid. De panelen staan op het zuidwesten. Verder hebben ze een zonnecollector ter ondersteuning van het warmwatergebruik en het toilet wordt doorgespoeld met regenwater. Henk wil ook een windmolentje om de stroomafname verder terug te dringen: 'Ik vind windenergie een betere keuze, je hebt hier immers vaker wind dan zonneschijn.'

Menco van der Berg en Desiree Luiken uit de Luddestraat waren er ook vroeg mee: al in 2008 kocht Menco zijn eerste (gesubsidieerde) set van zes panelen, ze hebben er inmiddels zevenentwintig, op het zuidwesten. Ook hij wilde iets aan zijn energiegebruik doen, maar heeft ook plezier in de techniek. 'Geld besparen komt op de derde plaats,' vertelt Menco, 'maar niet onbelangrijk is ook dat ik nu met mijn elektrische auto volledig uitstootvrij rijd.'
Ze dekken al hun stroomverbruik met de panelen, inclusief 5000 elektrische kilometers per jaar.Ook zij hebben een zonnecollector voor warm water. Door zijn ruime ervaring werd Menco ook een vraagbaak voor andere Thesingers.

Ook early adaptors zijn Jitse en Willemijn aan De Dijk: naar aanleiding  van de verbouwing van hun dak in 2009 konden ze een oude droom realiseren: iets doen aan hun energieverbruik. Op het zuidwesten liggen vierentwintig panelen, met subsidie, en goed voor 90% van hun gebruik. Ze hebben ook een zeer jonge HR-ketel, een zonnecollector voor warm water en ze zijn hun lampen aan het vervangen door spaar- en ledlampen. Jitse zoekt nog naar een oplossing om het gasverbruik terug te dringen: 'Ik vind een aardwarmte-installatie te duur en wacht op nieuwe technologie.'

Hans van den Berg en Marleen Schönherr aan de G.N. Schutterlaan raakten via de media geïnteresseerd en ze plaatsten in 2011 zes panelen om iets te doen voor het milieu en om hun spaargeld beter te besteden. Hans vond het lelijk staan op zijn huis en koos voor de schuur
(zuidoosten) hoewel die wel minder ruimte bood. De panelen komen van Wij Willen Zon, zonder subsidie, en leveren zo'n 40% van het gebruik. Hij wil er inmiddels (toch) op zijn huis nog zes bijplaatsen. Verder is hij de woningisolatie gaan verbeteren, jaagt op stille verbruikers en plaatst ledlampen. Hans: 'Ik overweeg ook een aandeel in een windmolen te nemen en ben klant geworden van Greenchoice vanwege hun betere beleid met groene energie.' Zijn ervaring met de panelen leidde er toe dat hij buren en vrienden (waaronder mij) ging helpen met het plaatsen.

 En zo kom ik in beeld: mede dankzij  het enthousiasme van Hans besloten Carla Winkelman en ik in 2011 twaalf panelen te plaatsen, achter, op het zuidoosten. Carla wilde gelijk meer - nog zes op het zuidwesten om de middagzon mee te pakken - en na aanvankelijke tegenzin (ik vond het lelijk) ging ik dit jaar overstag, zodat we er nu achttien hebben, goed voor zo'n 90% van ons verbruik. Ze komen van Wij Willen Zon, de laatste zes met subsidie. De redenen: liever ons spaargeld op ons dak dan op een wankele bank, het milieu, en een beter rendement op je geld (5 à 6 procent per jaar). Ook de techniek en het zelf plaatsen trok me aan. Eerder hadden we ons huis al geïsoleerd tijdens de verbouwing (dak, wanden, vloeren en dubbel glas), hebben we een HR-ketel, spaarlampen en sinds vorig jaar een zeer zuinige
houtkachel.

Op de Singel heeft Stefan Kleintjes sinds september 2011 zes panelen op het zuidwesten. Hij was aangestoken door vrienden in Almere en heeft ze gekocht via Wij Willen Zon, zonder subsidie. Zijn motivatie: decentralisatie van energieopwekking - zelfvoorziening leidt tot minder (kern)centrales - en daarnaast kostenbesparing. Hij haalt er zijn hele gebruik uit. Stefan is nog bezig met isoleren, vermindert zijn stroomgebruik waar mogelijk en overweegt een koudwaterwasmachine aan te schaffen (is nu nog te duur).

Met hulp Hans van den Berg en mij plaatsten Ton Heuvelmans en Christien Huizinga (G.N. Schutterlaan) in september dit jaar ook twaalf panelen op het zuidoosten, zonder subsidie ingekocht via Wij Willen Zon. Ze wilden vrijgekomen spaargeld zinvol beleggen in combinatie met een oud ideaal: goed omgaan met het milieu; ook voelt Ton zich zo onafhankelijker van energieleveranciers. De opbrengst tot nu toe belooft veel goeds. Ze overwegen ook nog zonnecollectoren voor warm water en ter ondersteuning van de CV. Ook denken ze aan een 'cedumdak': plantjes op het platte dak die regenwater verwerken en het dak extra isoleren. Ton voegt eraan toe: 'En het ziet er enorm leuk uit!'

Marc ten Cate aan De Dijk zag in Thesinge, maar vooral in Duitsland, veel zonnepanelen en maakte gebruik van een aanbieding van de ASN-bank (Zon Zoekt Dak). Sinds september 2012 heeft hij zes  panelen op het zuidoosten, met subsidie. Hij doet het voor het milieu, omdat hij wel van moderne gadgets houdt, hij het een goede investering in zijn huis vindt en omdat zijn geld beter rendeert op het dak dan bij de bank. 'Ik kan nu nog niet zeggen hoeveel van mijn gebruik gedekt wordt', aldus Marc, maar hij heeft er alle vertrouwen in: 'Het is eenvoudige, bestaande techniek, makkelijk toe te passen en onderhoudsvrij.' Marc overweegt een houtkachel en verbetering van de isolatie van zijn dak. Verder wil hij een ander deel van zijn dak (met een lastige vorm waardoor er te weinig panelen op passen) in de toekomst wel bedekken met zonnecelfolie, een techniek die nu nog in ontwikkeling is.

Hans Wind en Anja Ensing aan De Dijk koesteren in hun schuur al maanden een pakket van zes panelen - het wachten is op de verbouwing van hun dak, volgend voorjaar. Ze doen het vooral voor het milieu en daarnaast voor het rendement.

Tenslotte bezocht ik Jacob en Margreet Ritsema op de Bovenrijgerweg. Hun boerenbedrijf vreet stroom, dus daar viel wel wat te besparen. Via een gezamenlijk inkoopproject van de Agrarische Natuurvereniging kochten ze in oktober 2010 maar liefst honderdentwee panelen. Dit gesubsidieerde pakket staat op het zuidoosten en levert 40% van hun stroombehoefte.
Ze doen het voor de besparing, het milieu en ook een beetje voor hun bedrijfsimago. Verder heeft ook Jacob schik in de techniek en houdt hij de opbrengst bij in een schriftje. Ze zijn van plan om er nog eens zestig bij te nemen.

Conclusie
De meeste geïnterviewden vonden wachten op lagere prijzen niet aan de orde: dan kan je blijven uitstellen en gebeurt er nooit wat. Het milieu kwam voor de meesten op de eerste plaats en daar was het kostenplaatje ondergeschikt aan. Zelfs subsidie boeide ze niet hoewel een aantal daar wel gebruik van hebben kunnen maken.
Allemaal zijn ze tevreden met hun keuze, niet in het minst vanwege de makkelijk toepasbare techniek: snel beschikbaar zonder veel gedoe. En zeer renderend (behalve dan voor de allereersten die destijds de hoofdprijs betaalden).
En nu maar hopen op een zonovergoten Thesinge.

Jan Ceulen


TIPS
 

Wist je dat een tv die tien uur stand-by staat evenveel energie verbruikt als een uur tv kijken?    
Maak zoveel mogelijk gebruik van gewoon keukengerei i.p.v. toestellen zoals een elektrische blikopener of citroenpers, die je eigenlijk niet echt nodig hebt. 

 

Warm water met zonnecollectoren


Zoals een zonnepaneel licht van de zon omzet in stroom, zo zet een zonnecollector - soms ook zonneboiler genoemd - zonlicht om in warmte. Deze warmte wordt gebruikt voor het opwarmen van water. Hoewel minder populair dan zonnepanelen zien we ook een aantal zonnecollectoren in Thesinge en Garmerwolde.

201212m

Han en Lieske Mandema met kleinzoon Daan aan de keukentafel
(foto: Henk Vliem)

Lieske en Han Mandema

Bovenop de oude pastorie in Garmerwolde staat al jaren een zonnecollector. Hij is u misschien al eens opgevallen. Mij als buurman in ieder geval wel. Han en Lieske Mandema, de bewoners van de oude pastorie, hebben het apparaat al eind jaren negentig op hun huis laten plaatsen vertellen ze me onder het genot van een kopje koffie.
Misschien was het wel de eerste in Garmerwolde. Al die jaren zorgt deze zonnecollector al voor warm water. En al die jaren zonder noemenswaardige problemen. Zo af en toe moet het water van de collector aangevuld worden, daar moet je even aan denken, zegt Han. Met het door de zon opgewarmde water wordt water in een groot voorraadvat opgewarmd. En daarmee wordt dan weer het water van een combi-CV-ketel voorverwarmd. Op het systeem zit een regelkastje dat onder meer zorgt dat de collector leeg is als het buiten vriest. Han en Lieske hebben het systeem heel bewust zo laten aanleggen omdat zij voorstander zijn van het toepassen van zonne-energie. En het levert een besparing op de gasrekening op. Hoewel er toen subsidie op dit systeem werd verstrekt betekende het wel een aanzienlijke extra investering, vertellen ze. Aan een 'echte' rendementsberekening hebben zij zich nog nooit gewaagd. Overigens verwarmt deze combi-CV niet de hele pastorie. In sommige kamers hebben ze een (losse) gaskachel geplaatst en in de gang staat een houtkachel. Op die manier houden ze de temperatuur in de dagelijkse leefruimte op een aangenaam niveau en kunnen ze, als dat nodig is, snel een kamer die normaal niet verwarmd wordt, opwarmen. Zo terugkijkend, zijn ze nog steeds heel tevreden over hun keuze van toen, vertellen ze.

201212n

Douwe en Annie Groeneveld (foto: Henk Vliem)

Douwe en Annie Groeneveld

Thesinge aan de G.N. Schutterlaan gebruikt de familie Groeneveld al vijftien jaar ook een zonnecollector om water te verwarmen. Toen ik opbelde om een afspraak te maken vertelde Annie mij dat ik nog net op tijd was om een interview te komen houden, want zij en Douwe zouden de zaterdag daarop met vakantie gaan. Lekker met z'n tweeën een paar weken naar een warm land. Dus diezelfde avond zat ik al bij Annie en Douwe Groeneveld aan de koffie en hoorde hoe hun ervaringen waren met een zonnecollector.
Douwe vertelde dat hun zonnecollector bedoeld is om het zwembadwater te verwarmen. De collector is nagenoeg vlak in het (schuine) garagedak verwerkt. Dat kon mooi omdat de oriëntatie van het garagedak eigenlijk perfect is. De collector, van het merk ATON, verwarmt via een platenwarmtewisselaar het zwembadwater. Het systeem heeft verder een regelkastje die onder meer zorgt dat de collector leeg is als het buiten vriest. Het systeem werkt al die jaren al zonder noemenswaardige problemen. Eén keer heeft Douwe een pompje moeten vervangen. De reden om destijds zonne-energie aan te wenden was zowel een technische als een financiële. En verder is sleutelen aan dat soort installaties een hobby van Douwe. Al het installatiewerk heeft hij dus zelf gedaan en zo af en toe voert hij ook nu nog modificaties uit als hij denkt dat iets handiger kan of zo beter werkt. Dat kun je ook duidelijk zien als je de verwarmingsinstallatie in het huis van Annie en Douwe bekijkt. Douwe wil het verwarmingssysteem onafhankelijk maken van de openbare gas- en elektriciteitsvoorziening. Voor het gasgedeelte is dat al klaar. De openhaard die Douwe circa vijf jaar geleden gebouwd heeft is dubbelwandig. Achter de vuurplaat stroomt het CV-water. Als de openhaard volop brandt is de capaciteit voldoende om het hele huis te verwarmen. Ook bij strenge vorst! De volgende uitdaging voor Douwe is om het CV-systeem onafhankelijk te maken van de openbare elektriciteitsvoorziening. Hij denkt daarbij aan een batterij accu's met omvormer. 'Een windmolentje is te duur', zegt Douwe 'en wie weet waait het wel niet als de stroom uitvalt en het winter is.' Onder de indruk van zoveel techniek en ambitieuze plannen wens ik Annie en Douwe een prettige vakantie en ga maar weer eens op huis aan. En onderweg naar huis bedenk ik dat ik thuis naast mijn CV-systeem nog wel een openhaard ter beschikking heb voor als de nood echt aan de man komt. Maar dat wordt dan wel op een kluitje zitten pal voor die openhaard en misschien dan ook nog wel in de rook als de wind verkeerd staat. Maar ik heb dan ook een optimistische kijk op de betrouwbaarheid van de openbare gas- en elektriciteitsvoorziening in Nederland.

Henk Vliem 

Elektrische auto

201212o

Menco en zijn elektrische Citroen Berlingo (foto: Myla UItham)


Menco van der Berg uit Thesinge struinde al een tijdje het internet af op zoek naar een elektrische auto. De Citroën Berlingo is de favoriete auto van de familie. Handig om er een fiets achterin te gooien. Als gezinsauto was er al een diesel van dit model en toen Menco toevallig op de site van De Domeinen (het verkoopkantoor van de Nederlandse staat) terecht kwam, bleek dat er meerdere exemplaren van dit type auto, afgeschreven na 6 jaar, bij opbod zouden worden geveild. De eerste keren dat hij meedeed was zijn bod onvoldoende maar op 'n zeker moment was het raak!

De prijs viel mee en dat bleek een minder leuke reden te hebben. Menco was niet naar de kijkdag geweest en wist niet dat hij een gedemonteerd, defect exemplaar had gekocht. Zijn vriendin Desiree, die samen met een autotransporteur in Soesterberg arriveerde, trof een gedemonteerde auto aan waarvan de printplaat van de centrale computer zwartgeblakerd was. Oei, als een
computer kapot is dan heb je niet veel aan een elektrische auto... Menco heeft elektronica aan de HTS gestudeerd en ontdekte thuis dat het niet de computer betrof, maar dat een omvormer was doorgebrand. Dit kon hij gelukkig goed zelf verhelpen en de printplaat van de computer hoefde slechts te worden schoongemaakt en gelukkig bleek toen dat alles werkte! De auto moest gekeurd worden door de RDW. Dit gebeurde in 2010 en zodoende zit er een nieuw nummerbord
op een negen jaar oude auto.

Korte ritjes
Voor woon-werkverkeer is de actieradius van deze auto voldoende. 'We kunnen er twee keer mee naar het werk rijden; hij haalt 's winters ruim 60 kilometer en zomers ongeveer 70. De topsnelheid ligt rond de 90 km/u. Dat is voor een stadsauto prima. Ook de verdere kosten zijn laag. Geen wegenbelasting, het laagste tarief voor de verzekering en elektriciteit is fors goedkoper dan andere brandstoffen. De APK brengt ook nauwelijks kosten met zich mee.' Bij het
tuinhek heeft Menco een stopcontact gemonteerd zodat de auto op de oprit aangesloten kan worden. Het opladen duurt ongeveer viereneenhalf uur. Onderweg heeft hij een keer bij een vriend de auto moeten opgeladen omdat hij toch een eindje te ver was omgereden. De officiële oplaadpunten zijn voor hem niet geschikt omdat er inmiddels een ander model stekker wordt gebruikt. In 2010 reden er nog maar 200 elektrische auto's in Nederland, nu fors meer omdat het
aantrekkelijker gemaakt is door fiscale voordelen. Ze worden nu ook gemaakt met een hulpmotor op benzine zodat je er langere ritten mee kunt maken. 'Met deze auto kunnen wij echter niet op vakantie.'

Primeur
Dan krijg ik zomaar de autosleutels toegeschoven en mag ik een proefrit maken. Schakelen is geen probleem: uit de P stand en dan 'gas' geven. Als je de voet van het pedaal haalt dan remt de auto rustig af en dus hoef je niet zo vaak bij te remmen. Dat scheelt ook weer in de slijtage van onderdelen. Het rijdt als in een automaat, je hoeft niet te schakelen en wat opvalt is dat hij
geluidloos is. Daar past Menco wel mee op als hij langzaam rijdt want medeweggebruikers horen hem niet aankomen. Als je sneller rijdt dan maken de banden genoeg lawaai om fietsers te waarschuwen. Heel grappig was de vragenlijst die de verzekering hem telefonisch liet beantwoorden. Er was geen categorie waar deze auto in past en op de vraag hoeveel cilinders de auto heeft moest Menco uitleggen dat deze auto geen cilinders heeft. Vervolgens kwam de
vraag of de auto op benzine, diesel of gas liep. Ook daar was geen passend antwoord op te geven. Toen was het even stil aan de andere kant van de lijn. Zou de auto wèl een uitlaat hebben?

Truus Top


TIPS  

Al eens gefietst met te platte banden? Het gaat een stuk vlotter als je banden de juiste bandenspanning hebben. Dit geldt ook voor een auto. Zo verbruik je minder brandstof.     
Schakel de motor uit bij langdurig stationair draaien bijvoorbeeld bij een open brug. Reeds vanaf 30 sec. stationair draaien is het voordeliger de motor uit te schakelen!


Duurzaam voor de natuur?

 

Een themanummer over duurzaamheid. Kennelijk dacht de redactie 'we hebben een bioloog in het dorp en die weet vast alles over duurzaamheid, laten we hem eens vragen'. Want we willen per slot van rekening duurzaam zijn voor de natuur en daarnaast zien we vaak de natuur als het voorbeeld van duurzaamheid en een bioloog weet vast alles over de natuur.

Helaas moet ik jullie teleurstellen. Ik weet niet alles over de natuur, maar nog belangrijker is dat duurzaamheid geen algemeen gebruikt begrip is binnen de biologie. Vooral omdat het te pas en te onpas wordt gebruikt voor verschillende zaken. Van oorsprong komt het begrip uit de bosbouw en visserijbiologie. Het betekent dat een populatie (denk aan de haringen in de Noordzee of bomen in het bos) of een ecosysteem zo wordt benut, dat wij mensen ook in de verre toekomst dit kunnen blijven benutten. Als we bij de haringen blijven: door te vissen, neemt het aantal haringen af. Dit is geen probleem zolang, simpel gezegd, het aantal haringen dat zich voortplant maar niet kleiner wordt dan het aantal haringen dat het loodje legt.
Dus duurzaamheid gebruiken we vaak om iets te zeggen over de manier waarop we grondstoffen gebruiken. Dat kan zowel olie, hout als vis zijn. Maar ook in natuurbehoud en -herstel is het begrip duurzaamheid belangrijk, alleen bedoelen we er dan wat anders mee. Dan kijken we vooral naar die gebieden die we juist niet of nauwelijks gebruiken en of daar nog voldoende ruimte is voor natuur. Natuur die ook op de lange termijn in staat is zich te handhaven, met de voor dat gebied kenmerkende plantengroei en dierenleven. Dan wil je weten hoe een gebied ecologisch functioneert: waarom groeien bepaalde planten juist op die plek, hoe gebruiken dieren het gebied en waarom doen ze dat zo? Met die kennis kun je een natuurgebied inrichten of beheren. Chique gezegd gebruik je dan ecologische principes voor een duurzame inrichting en beheer.

Een voorbeeld zijn de bloemrijke oeverlanden langs de Drentse Aa. Hier groeien bijzondere planten als Kleine valeriaan, Echte koekoeksbloem en Brede orchis. Deze kunnen hier alleen maar groeien omdat het flink nat is, er jaarlijks wordt gemaaid en er niet al te veel voedingsstoffen in de bodem zitten. Nu kun je als Staatsbosbeheer of als boer wel je uiterste best doen om zo'n nat terrein jaarlijks te maaien zonder de zoden meteen kapot te rijden met zwaar materieel. Als echter wat hoger op de Hondsrug maïs wordt geteeld en daar veel mest op wordt uitgereden, dan heeft zo'n duur beheer weinig zin. De voedingstoffen gaan vanuit de mest met het grondwater mee en komen uiteindelijk in de bodem van de oeverlanden terecht. En daar kunnen die planten niet tegen: ze worden verdrongen door planten die zoveel voeding juist lekker vinden. In zo'n geval kun je zeggen dat de inrichting van het gebied niet duurzaam is omdat er onvoldoende rekening is gehouden met hoe zo'n landschap ecologisch functioneert.

Gelukkig zien we steeds vaker dat er wel rekening wordt gehouden met ecologische principes bij allerlei ruimtelijke projecten die in het landelijk gebied spelen. Hoewel er de laatste jaren een duidelijke kentering te zien is, mede dankzij de Groninger Henk Bleeker: economische belangen wegen als vanouds weer veel zwaarder. Alleen zwaar beschermde natuurgebieden ontspringen de dans. De ecologische verbindingszones, die tot doel hebben om de levensvatbaarheid en duurzaamheid van kleinere natuurgebieden te vergroten, zijn deels gesneuveld in het bezuinigingsgeweld.

Wout Bijkerk