G&T2013
Maandelijks Nieuwsblad voor Garmerwolde, Thesinge en omstreken

40e jaargang - december 2014

Voorwerpen met een bijzondere waarde
 

Sommige mensen zijn opgelucht als die laatste dagen van het jaar weer voorbij zijn. Anderen verheugen zich er juist op. Hoe dan ook, het zijn andere dagen en daarom is het laatste nummer van de G&T Express ook anders.

U bent van ons gewend dat we in het laatste nummer van het jaar inwoners van onze dorpen interviewen aan de hand van een thema. Dit jaar gaat het thema over voorwerpen met een bijzondere waarde. Soms hebben die voorwerpen of souvenirs voor iemand een speciale betekenis. Ze zijn misschien niet kostbaar maar voor diegene onbetaalbaar. De redactie was benieuwd naar die dingen die een speciale betekenis hebben. Dus gingen we op zoek naar verhalen over knuffels die altijd mee moeten, voorwerpen met een bijzonder verhaal, of herinneringen aan een gebeurtenis of een speciaal moment.

Als redactie hopen we dat u als lezer bij het licht van de bijgevoegde kaars geniet van deze krant en wij wensen iedereen fijne kerstdagen en een gelukkig 2015.

 

Jelle en zijn beer

201412a

Jelle Vink met zijn knuffelbeer (foto: Joost van den Berg)


Jelle Dolfijn is twee jaar oud en woont met Monique en Jan aan de G. N. Schutterlaan 40 in Thesinge. Hij heeft een heel lieve knuffel: een beer. Jelle heeft de beer gekregen van opa en oma Vink. Vanaf het eerste moment zijn Jelle en beer onafscheidelijk. ‘Het was meteen raak’, vertelt Monique, ‘daar kunnen andere beren niet tegenop.’
Beer heeft een mooi rood sjaaltje. Dat is heel handig want met zijn vinger door het sjaaltje sleept Jelle de beer overal mee naar toe. Beer gaat mee naar juf Renate van de peuterspeelzaal en naar Reina die op dinsdag oppast. Beer gaat ook mee op de fiets of in de auto. Beer gaat zelfs mee op reis: deze zomer helemaal naar Duitsland. ’s Nachts slaapt beer bij Jelle in bed. En als Jelle zich zeer (au!) heeft gedaan, dan moet beer meteen komen om hem te troosten.

In juni moeten opa en oma Vink gaan uitkijken naar een nieuwe knuffel, want dan krijgt Jelle er misschien wel een broertje of zusje bij.

Irene Plaatsman


De spaarpot van Emma

201412b

Emma Tammens met haar paard Simara (foto: Joost van den Berg)


Vanaf haar zesde jaar stopte Emma Tammens uit Thesinge al haar centjes in de spaarpot. Zij wist toen al dat ze heel graag een eigen paard wilde hebben en op haar twaalfde begon het speuren op Marktplaats naar een geschikt paard omdat de spaarpot dik genoeg was. In de basisschoolleeftijd verzorgde ze een paard en ze reed ook in de manege. Toen vond ze Simara, een Haflinger: een klein type paard die lang buiten kan staan omdat het ras uit koudere streken komt. Het weitje vlakbij huis is ideaal en daarbij heeft Emma samen met haar vader en haar opa voor de winter een hok in de tuin getimmerd. Dagelijks is Emma druk met haar paard. Hooi en brokken voor Simara en om de drie dagen doet ze vers water in de waterbak. Natuurlijk moet het zadel en hoofdstel regelmatig ingevet worden evenals haar rijlaarzen. En ze rijdt regelmatig een rondje op haar paard of spant haar voor de paardenkar en rijdt zo soms rond met wat passagiers. Als ze geen tijd heeft om te rijden dan wordt Simara gewoon lopend even uitgelaten. Daar heeft ze echt behoefte aan. Het is een paard met een heel eigen karakter. Soms vindt ze alles leuk en soms is ze heel chagrijnig. Dan gaat ze bokken en wegrennen en schrikt ze van alles. Tijdens de zomervakantie gaat Simara ook met de hele familie mee en rijdt Emma haar rondjes door het bos. Vorig jaar werd zij in een donker stuk bos aangereden door een mountainbiker met zijn hond. Het paard mankeerde niks en ook man en hond hadden niks maar Emma bleek later haar enkelbanden gescheurd te hebben en de kniebanden opgerekt! Hierdoor moest ze in het gips en is ze tot op de dag van vandaag nog bezig met revalidatietherapie. Mogelijk is Simara van dit ongeval nog schrikachtiger geworden want ze heeft een hekel aan fietsers met licht op. Vroeger wilde Emma politie te paard worden maar daar is ze op teruggekomen. Paardrijden is hobby en ze doet nu de opleiding tot verpleegkundige. In de toekomst wil ze graag aan dressuur doen. Emma krijgt les van een gediplomeerd instructrice en wil zich binnenkort inschrijven voor een wedstrijd in de provincie Groningen. 

Truus Top


Ina Robbe en haar kast vol verhalen

201412c

Ina Robbe en haar 'kast der herinneringen' (foto: Mareen Becking)


Ina Robbe woont sinds 1958 aan de Molenweg 21 in Thesinge. De woonkamer is wel drie meter hoog. De grote kast waar ze veel jeugdherinneringen aan heeft kan er met gemak staan. De kast is haar zo dierbaar dat ze hem niet graag kwijt wil.

Een kast die meeverhuist
De eiken kast stond vroeger in haar ouderlijk huis. Ina weet het nog goed: ‘Als kinderen moesten wij hem een keer per maand opwrijven met wrijfwas, zoals dat toen heette.’ De kast stond dan wel in haar ouderlijk huis, maar was veel ouder en al veel langer in de familie. De kast stond zelfs nog in de boerderij Nijen Clooster in Jukwerd bij Appingedam waar haar voorouders al in 1785 kwamen wonen.
De kast verhuisde met de generaties mee. Toen de grootmoeder van Ina weduwe werd, trok ze bij Aeilke, de moeder van Ina, in en verhuisde de kast mee. Maar omdat de kamers niet hoog genoeg waren, zette haar moeder de kast met inhoud in de schuur. Een deel werd gebruikt als opslag voor verf. De kroon was er afgehaald en lag er in stukjes bovenop. De broers en zussen van Ina vonden het goed dat zij de antieke kast overnam en Ina en haar man Roel lieten hem restaureren. De restaurateur was weg van de kast en had er meteen al een koper voor die er flink voor wilde betalen. Maar Ina wilde de kast, waar ze zoveel herinneringen aan had, niet verkopen.

Een kast vol herinneringen
De kast betekent veel voor Ina. Ze weet nog dat aan de linkerkant de kleren van haar vader hingen. De rechterkant was meer een legkast, met een lade. In die la lagen vierkante stuivers, een gouden zakhorloge van haar vader, zilveren lepeltjes en andere mooie spulletjes. Als kind trok ze vaak de la open om naar die mooie dingen te kijken.
In de kast liggen nog steeds de bontjes van haar oma. Ook een mooi wit schort dat gedragen werd bij het bedienen op feestdagen en een zwart schortje van prachtige stof, waarschijnlijk voor de zondagen. ‘Vroeger droegen vrouwen eigenlijk altijd schorten.’ Er zitten nog een cacaodoos in van de firma Broekema en een thee- en suikerpot van eierschaalporselein, van een tante die emigreerde naar Canada. Bij alles wat Ina laat zien heeft ze wel een verhaal.
In de Tweede Wereldoorlog hingen er uniformen in de kast. De voorkamer van het huis van haar ouders werd gevorderd door de Duitsers en de kast dus ook. Aan het einde van de oorlog hebben de Canadezen de kamer en ook de kast gevorderd, dus toen hingen er Canadese uniformen in.
‘Die kast wil ik nooit meer kwijt’, zegt Ina. ‘Ja, of een van mijn vier kinderen moet hem willen hebben, maar dat gaat dan in goed overleg.’

Irene Plaatsman

Een familiegeschiedenis op zolder

201412d

Lucie met de papieren herinneringen van haar ouders
(foto: Mareen Becking)

Lucie Kol woont aan de Molenweg 28 in Thesinge. Ze is bezig met het leeghalen van het huis van haar ouders Jan Derk en Gretha Slachter aan het Hendrik Ridderplein 4. Haar moeder woont sinds 2011 in Lindenhof in Ten Boer. Lucie dacht al een eind op weg te zijn met opruimen totdat ze de ruimtes boven de slaapkamers ontdekte.


Meer dan een boekhouding
Tot haar grote verrassing vond Lucie een boel houten kisten in ruimtes boven de slaapkamers. Daar zat de hele boekhouding in van de rijwielhandel en het installatiebedrijf van haar opa en vader. Vanaf 1976 deed Lucie de boekhouding, eerst met haar opa en later met haar vader. Beide mannen hadden een hekel aan ‘papierwerk’, de boekhouding dus. Haar vader kwam altijd met een grote koektrommel bij Lucie, die alles afhandelde. Maar dat er zoveel, vanaf 1930, bewaard was gebleven, dat wist zelfs Lucie niet.
Ze bracht alles over in meer dan twintig dozen en nam er af en toe een paar mee naar huis. Ze vond oude winkelboeken waarin per familie opgeschreven stond wat er gekocht of gerepareerd was. Rekeningen werden gedurende een kwartaal bijgeschreven en aan het eind opgemaakt en rondgebracht. Niet alleen de boekhouding vond ze, maar ook vrachtbrieven, bestellingen voor klanten bij bijvoorbeeld de kolenhandel, want dat soort handel deden haar opa en vader erbij. Ze vond notulen van verenigingen, een huishoudelijk reglement van de ijsvereniging of nota’s van schoenmaker Zuur, kuiper Luchtenberg of timmerman Huisman uit Thesinge.
Ook heel persoonlijke spullen lagen in de kisten: schoolschriften van haar ouders, leesboekjes die ze met de kerst hebben gekregen of prachtige oude prentbriefkaarten, maar ook kleine liefdesbriefjes. Je kunt het zo gek niet bedenken.

Het verleden komt tot leven
Twintig dozen zijn al weg en ze heeft ze papiertje voor papiertje doorgeplozen. En er staan nu nog zes dozen bij haar in huis. ‘Je kunt niet alles bewaren’, zegt Lucie. ‘Waar ik de meeste herinneringen aan heb, dat haal ik eruit.’ Het verleden gaat weer leven als je alles zo door je handen laat gaan. ‘Het was zo’n andere tijd. Ik vond een rekening voor het repareren van een emaillen pan waar een gat in zat. Het was een rekening voor 20 cent. Nu koop je meteen een nieuwe pan.’
Tussen de spullen vond ze een tasje van haar overgrootmoeder met daarin een foto waarop haar overgrootmoeder het tasje draagt. In het tasje zat nog een zilveren ring uit 1900, die haar grootmoeder als tweede dienstmeid van de boer kreeg, een doosje met twee zilveren oorbellen, een ouderwetse halsband met kraaltjes, een houten broche met fijn uitgesneden rozen en metalen plaatjes, met de naam ‘J. Slachter’, die achterop de fietsen gemonteerd werden. Door de vondst van al die kisten kreeg Lucie weer een kijkje in het werk en het drukke leven van haar ouders en grootouders en dat is toch heel bijzonder.

Irene Plaatsman

Het verhaal van de sokken

201412e

De bewuste sokken (foto: Jan van der Molen)

Het idee was om voor de kerstkrant een stukje te schrijven over dingen die men slecht kan missen. Nu lijken sokken niet iets te zijn dat je niet te kunt missen. Sokken zijn dingen die prettig zijn om de voeten warm te houden, die vervelend zijn als er een gat in zit bij de grote teen maar niet iets waar je ontzettend aan gehecht kunt raken. Toch? Het onderstaande verhaaltje bewijst het tegendeel.

De sokken werden in een ver verleden aangeschaft en aangetrokken door een jongeman van 15 jaar. Het waren goede sokken die prettig om de voet zaten, goed aansloten bij de enkel en neutraal van kleur. Jaar in jaar uit werden ze gedragen, gewassen, gedroogd en weer gewassen. De onderkant van de voet van de sok begon dunner te worden en het elastiek slapper. Inmiddels was de leeftijd van de sokken ongeveer 15 jaar en vond de vrouw van de jongeman het tijd om ze weg te gooien. Dit stuitte op weerstand met de mededeling: ‘Ik ben heel erg aan deze sokken gehecht en ze mogen niet worden weggegooid’, en de sokken bleven in de la liggen. Een paar jaar later tijdens een opruimbui kwamen de sokken weer tevoorschijn om alsnog weggegooid te kunnen worden. Maar nee, het was nog steeds niet mogelijk om er afstand van te doen. Dit wekte enige irritatie op maar de vrouw kreeg een ingeving. Als de man zo gehecht was aan zijn sokken, dan moesten ze ook maar voor iedereen zichtbaar zijn. Op zijn verjaardag kreeg de man een paar sokken, echter geen nieuwe, maar de oude keurig ingelijst. Ze mochten maar op één plaats hangen in huis en wel aan de achterwand van de wc waar de man ze elke dag kon bewonderen tijdens het plassen.
In de loop van de jaren dat de sokken er hangen hebben we al vaak de vraag gehad waarom er ingelijste sokken in de wc hangen. Bovenstaand verhaal wordt dan verteld en de sokken blijven tot in lengte van dagen in de wc hangen.

Detta van der Molen 

De kers op de pudding

201412f

Bart Boosman blij met zijn eigen Munari-stuur (foto: Jan Ceulen)



‘Een stuur is maar een stuur. Met een imitatiestuur ga je net zo hard, maar het is wel een onderdeel dat je steeds in handen hebt, waar je constant naar kijkt in de auto. Daarom is een stuur zo belangrijk, ik had me voorheen nooit gerealiseerd hoe belangrijk... En het is gewoon leuk’, vertelt Bart Boosman uit Garmerwolde.

In 2011 kocht Bart in Italië een metershoge bult onderdelen en de kale koets van een auto. Dit geheel zou uiteindelijk weer een Lancia Fulvia 1600 HF Lusso worden. ‘HF staat voor High Fidelity, dat was de snelle versie.’ Deze auto werd in 1970 als straatversie gemaakt van de rallyauto waarmee Lancia in de jaren zeventig goede resultaten behaalde in de rallyracerij. ‘Om met de Fulvia als productieauto te mogen racen moesten er een bepaald aantal straatauto’s gemaakt worden, dit was daar één van.’

Twee jaar restaureren
De restauratie van de auto nam ongeveer twee jaar in beslag en in het voorjaar van dit jaar was hij eigenlijk af. Het stuur wat er op dat moment bij zat was een stuur behorende bij de straatversie van de auto. ‘Dat is een mooi stuur, niets mis mee’. En toch bleef er voor Bart nog wel iets te wensen over.
In 1972 won Sandro Munari als coureur voor Lancia de International Championship for Manufacturers, de voorloper van de World Rally Championship. ‘Voor het racen hadden de Fulvia’s een kleiner stuur gekregen. Munari reed met een stuurtje van de Fabrikant Ferrero.’
Nadat Munari de winst behaalde maakte Ferrero een speciale Munari-editie van dat stuur met daarin de handtekening van Munari gegraveerd. Van dit stuur werd een beperkte oplage gemaakt.
‘Dat stuurtje is de heilige graal en is eigenlijk niet te koop te vinden. Lukt dat toch, dan kost het honderden tot soms duizend euro, ver boven mijn budget in ieder geval.’

Imitatie en echt
Toch is dat wel het ultieme stuur voor de Fulvia, dus toen Bart op internet een imitatie Munari-stuur vond besloot hij dit te kopen en op te knappen. Met hulp van Ton Werdekker, om een mooie metaalglans over het eerst roestige metaal te spuiten, werd het een heel mooi stuur. Maar het bleef een imitatiestuur. Dus toen Bart een half jaar later voor een redelijke prijs een echt Munari-stuur op de kop kon tikken en het imitatiestuur voor een mooie prijs kon verkopen, was de keus gauw gemaakt.
Het stuur moest wel gerestaureerd worden, omdat er onderdelen voor de bevestiging misten en er door een vorige eigenaar een hoop extra gaten ingeboord waren. ‘Dat was natuurlijk jammer, maar daardoor was de prijs wel een stuk gunstiger. En ik ben redelijk handig met metaalbewerking.’ Dus Bart ging aan de slag en in een paar avonden had hij de extra gaten opgevuld, dichtgelast en gladgeschuurd. ‘Het ziet er super uit, niemand die het ziet.’
En zo was de Fulvia dan helemaal klaar met het echte Munari-stuurtje met handtekening van Munari als ‘kers op de pudding’.

Freek Mandema

Buitenkind

201412g

Diederik van der Borg met zijn miniatuurtractor-verzameling
(foto: Joost van den Berg)


Diederik van der Borg is elf jaar oud en woont aan de Molenweg op Achter-Thesinge. Hij is al van kleins af aan helemaal gek van trekkers en landbouw-werktuigen en heeft in een hoek van de woonkamer een prachtige verzameling staan. Van zijn vader Reinder kreeg hij een Massy Ferguson waar hij als jongetje mee speelde en daar is Diederik heel zuinig op. Elk jaar staan er op verlanglijstjes voor zijn verjaardag, 13 november, en voor Sinterklaas wel speciale wensen voor een bepaalde trekker of werktuig. Op zijn tiende verjaardag kreeg hij een op afstand bestuurbare trekker en een zaaimachine. En voor zijn laatste verjaardag vroeg hij een schudder van het merk Siku. Hij kreeg echter een sjoelbak, snowboots en een trainingspak. Dit was ook erg leuk om te krijgen want Diederik speelt graag voetbal met zijn jongere broer Corstian en sjoelen is voor de hele familie gezellig. Moeder AnneMarie kijkt wat twijfelachtig als Diederik voorstelt om nog even naar zijn grote trekkers te kijken waar hij als klein jongetje mee speelde. Die staan opgesteld in zijn slaapkamer met ook nog een enorme ligboxenstal die gemaakt is door een oom en een stal die gekocht is. Er wordt door de jongens Van der Borg naar hartenlust gespeeld op hun kamers en dat geeft natuurlijk de nodige ‘rommel’... Op het tapijt in de kamer zetten de jongens regelmatig een traject uit om te spelen met de landbouwwerktuigen. De opraapwagens voor gras, de giertank met injectiemateriaal, oogst- en zaaimachines staan mooi in het gelid om hun werk te doen. ‘Op Diederiks kamer ligt in een hoek een hoopje hooi en beneden heeft hij zakjes maïs bij de materialen staan. Je kunt nooit weten wanneer de hakselaar voor maïs, de ronde balenpers, de verreiker of de mengvoermachine weer moet uitrukken’, lacht AnneMarie. Diederik denkt dat hij later loonwerker wil worden. Graag zit hij bij verschillende boeren in de buurt op de trekker als er op het land gewerkt wordt. Diederik geniet van het buitenleven, het boerenwerk en ook van de dieren die in zijn omgeving rondlopen.

Truus Top