Maandelijks Nieuwsblad voor Garmerwolde Thesinge en omstreken

28e jaargang november 2002
 

Tradities en gebruiken in onze omgeving

Als deze krant bij U in de bus valt is het midwinter; de kortste, donkerste dag van het jaar. Deze dag wordt ook wel winterzonnewende genoemd en in verband gebracht met heidense gebruiken die te maken hebben met dood en wedergeboorte en met het voortbestaan van de zon. Het midwinterblazen om de winterduivel te verdrijven is een oude traditie die in het oosten van ons land nog bekend is.

Voor de is het traditie geworden om in de decemberkrant een kaars te rollen in de hoop onze lezers een lichtpuntje te bezorgen in deze donkere dagen. Het is ook een klein gebaar om iedereen fijne feestdagen en een gelukkig nieuwjaar toe te wensen. 

        

Er komen heel wat herinneringen boven: v.l.n.r. Hendrik Kol, Jelle van Zanten, Griet van Zanten-Ridder en Menka Kol-Oomkens
(Foto: Karline Malfliet)

Om in de sfeer te komen hebben we als thema voor deze kerstkrant gekozen: Tradities en gebruiken in onze omgeving. Met de oudere generatie inwoners van Garmerwolde en Thesinge zijn we in gesprek gegaan over hun gebruiken en tradities rond Kerst en Oud en Nieuw. Veel herinneringen aan hun jeugdjaren kwamen weer boven.

December
Deze maand met lange avonden nodigt uit tot lekker lezen bij de kachel, maar ook om vrienden en familie te bezoeken. De kerstversiering wordt tevoorschijn gehaald en er wordt flink ingeslagen om lekker eten klaar te maken voor de feestdagen. De kerstman komt tegenwoordig ook bij velen langs om cadeautjes onder de kerstboom te leggen. Veel tradities en gebruiken rond Kerst en Oud en Nieuw worden in ere gehouden. We sturen elkaar kerst- en nieuwjaarskaarten en de brandewijn trekt vanaf eind november al flink in de rozijnen. We gaan naar de kerstavondviering of naar de nachtmis, muzikanten trekken in de kerstnacht door Thesinge en spelen op verschillende plaatsen hun kerstmelodieën. Na de ingetogen viering van Kerstmis maken we ons op voor de viering van Oud en Nieuw. De voorbereidingen voor het bakken van oliebol en appelflap worden getroffen en er wordt vuurwerk gekocht. Het oude jaar wordt met veel lawaai uitgeluid om volgens het oude bijgeloof de boze geesten te verjagen. Oudjaar wordt vaak gevierd met warme bisschopswijn en op het moment van de jaarwisseling knalt de kurk van de champagnefles.  
 
 

"Stamtoavel"
Begin december houden we een "stamtoavel" met de dames Griet van Zanten-Ridder en Menka Kol-Oomkes en de heren Hendrik Kol, Jelle van Zanten en Jan Jansen. Zij zijn allen geboren in Thesinge tussen 1920 en 1930 en behalve Hendrik Kol nog steeds woonachtig in ons dorp. Hendrik Kol is in '95 verhuisd naar Ten Boer, maar kwam voor de gelegenheid op de fiets naar Ons Trefpunt. Ons redactielid Lucie Kol schenkt koffie en kent als echte Thesingse veel van de verhalen. 

Een breed lachende Menka Kol-Oomkens
(Foto: Karline Malfliet)  

Het is jammer dat wij, Karline Malfliet en Truus Top, niet in staat zijn om U in het Gronings verslag te doen. Want als er iemand op de praatstoel zit dan gaat dat toch het meest natuurlijk in de eigen taal.

Eten en drinken
We zitten aan de koffie/thee met speculaas en pepernoten. Echt decemberlekkers uit de supermarkt. In de jeugd van onze gasten waren er nog drie bakkers in het dorp. Van Ketten, Stuurwold (Jop stoet) en Mulder. De bestellingen werden rondgebracht in een grote blauwe korf, die op de rug gedragen werd. Ook de slagers werkten met bestelboekjes en bezorgden aan huis: Ridder, Boer en Havinga worden genoemd. Voor kruidenierswaren kon je terecht bij Jetje en Tetje, de gezusters Schutter waarvan de mannen bij de boer werkten en zij beiden een winkeltje dreven. Er vallen nog veel meer namen: Joost Dering, Jan Koster, Jan Vrucht, Line, Willem Haak, Luchtenberg ..... Je zou er een boek over kunnen schrijven. En ook over de bijnamen die sommige mensen in het dorp hadden. Zo werd Lammert van Dijken die brandhout verkocht Lammert holtje genoemd.
Vlak voor Oud en Nieuw ging er een bakker langs de deuren met een mand met koek - bijvoorbeeld ouwewijvenkoek - en koekjes. En natuurlijk bakte iedereen zelf de oliebollen. "'s Avonds in de kerk hing de baklucht nog aan de mensen," herinnert Jelle van Zanten zich. Er werd op nieuwjaarsdag brandewijn met rozijnen geserveerd. "Vroeger gebruikte men rozijnen met pit en die smaakten echt beter dan de pitloze soort die nu gebruikt wordt. Maar ja, op "nijjoarsveziede" pitten uitspugen is een wat onfatsoenlijke vertoning en dus heeft Menna van Zanten 12 pond rozijnen zonder pit op brandewijn gezet zodat het dorp er in 2003 weer van kan genieten.

Oud en Nieuw
In de dertiger jaren was er in de oudjaarsnacht veel politie op de been. De dorpspolitieman Oosting hield een oogje in het zeil en er gebeurden geen gekke dingen. Er werd gesleept en niet vernield en dit werd door de ouders ook tevoren stevig gepredikt. Bij Smidshouk verzamelden zich dagelijks de boerenknechten en arbeiders en voor deze gelegenheid trof de jeugd elkaar hier. Met de geleende wagen van Ritsema werden de spullen soms opgehaald en op de vreemdste plekken weer neergezet. 

 
Jan Jansen heeft er lol in! (Foto: Karline Malfliet)  

Zo herinneren onze gasten zich de wc-pot die voor de deur van de pastorie werd achtergelaten en het schoolplein dat vol stond met werktuigen, hout e.d., vaak afkomstig van Lammert holtje. Ook de tuin van meester Boskma werd zodoende gebombardeerd tot opslagplaats voor overtollige troep. Voor het gebruik werd een kan jenever voor Ritsema op de wagen achtergelaten.
In oorlogstijd namen de NSB-ers de wacht over en moest iedereen vóór acht uur binnen zijn. Alles was verduisterd, maar dat kon de pret niet drukken. Het slepen ging gewoon door en de jongelui werden alleen op hun plicht om naar binnen te gaan gewezen met de mededeling: "De gevolgen zijn voor U!"
In café de Wooy kocht je voor 15 cent een fladderakje en rookte je een Old Mac, Dushkind of Chief Whip. Ook thuis was vaak wel een borrel ingeslagen voor gasten. Zo herinnerde zich één van onze gasten een dergelijke grote fles brandewijn die voor meer dan de helft soldaat werd gemaakt door een groep vrolijke jongens, die de fles daarna weer voor vol achterlie­ten met water ... Beslist geen water was de jenever, illegaal gestookt door bakker Van Ketten (kennelijk was in die tijd bakker een veelzijdiger beroep dan heden ten dage!); Hendrik Kol herinnert zich nog een inval in deze stokerij toen hij nog een schooljongen was.

31 december
Goede voornemens werden zeer letterlijk genomen toen onze gasten jong waren; op 31 december werden namelijk alle rekeningen vereffend. Boeren, dagloners en overige consumenten begaven zich naar slager, bakker en kruidenier om de nog openstaande rekeningen te betalen. Geen vervelende aangelegenheid, zo blijkt wel uit de uren die daarna nog bij de kredietverleners werden doorgebracht met een borrel of sigaar. Voor de ondernemers uit het dorp betekende het een dag van ontvangen en bijpraten nadat ze de drankvoorraad voor deze dag hadden aangevuld; bij de molenaar werden hier kruiken vol jenever voor bewaard in speciaal daarvoor bestemde rieten manden. Een fijne kerstgratificatie of kerstpakket bestond toen nog niet; zelfs het daglonersvolk kreeg geen extraatje voor deze dure dagen. Om over een dertiende maand nog maar te zwijgen!

   

Klokslag twaalf
De klok werd geluid! Het was twaalf uur en de mensen gingen net als nu de straat op om buren en vrienden een "veul zegen t nijjoar" toe te wensen. De stoere knapen uit het dorp luidden het jaar in met het schieten van carbid, alhoewel dat mondjes­maat voorkwam. Er was geen vuurwerk; daar was uiteraard geen geld voor. Wel voor sterretjes, die IJsbrand Plijter voor 1 cent per stuk meebracht uit de stad. Natuurlijk werd er ook weer even geproost op dit feestelijke uur.

Hendrik Kol en Jelle van Zanten. (Foto: Karline Malfliet)

Nieuwjaarsdag
Bij familie en buren ging je nieuwjaar wensen en verder was het een gewone zondag. Voor gereformeerde mensen betekende dat naar de kerk gaan en verder volstrekte zondagsrust. De hervormde kerk was toen al getooid met een feestelijke kerstboom; mevr. Van Zanten herinnert zich nog dat je een dubbeltje moest betalen om deze pracht te mogen bewonderen. De gereformeerde kinderen waren best jaloers op die heerlijke sinaasappel die de kinderen van de hervormden met kerst kregen.
Op 1 januari zat je, net als de zondagen, in de voorkamer en deed daar spelletjes. Vaak kwam er visite en voor de kinderen was dan een handjevol "souskes" (doppinda's) een traktatie. De meeste gezinnen hadden het op z'n zachtst uitgedrukt niet breed en in die dertiger jaren zijn er 5 à 6 gezinnen vertrokken naar Canada en Amerika. Op de zondag moesten de koeien wel gemolken worden, maar verder deed men de hele dag niets. Fietsen, breien, verstellen en ook jezelf scheren en je bed opmaken waren geen bezigheden die pasten in de zondagsrust.
Ach, wat wilde je verder ook met je buik vol krentenweg, oliebol en illegaal gestookte jenever, moe van het slepen en met een lege beurs. 1 januari was, net als nu, voor de meeste mensen een welkome rustdag, hard nodig na de drukke decembermaanden.

De tijd toen onze stamgasten nog tot de jeugd van het dorp behoorden, is voorgoed voorbij. Menigeen zal met weemoed denken aan die voorbije jaren toen de wereld nog overzichtelijk was en je wist wat je aan een ander had. Toch moeten we concluderen dat er aan de gebruiken nog niet veel veranderd is; we eten nog steeds graag oliebollen, drinken met plezier een borrel op het nieuwe jaar (en sommige ook zelfgestookte!) en wensen elkaar nog steeds een goed en gezond nieuwjaar toe. En wie nog even wil mijmeren over zijn eigen kwajongensstreken, kan genieten van het lawaai van carbid dat door de zonen van Jelle van Zanten nog steeds elk jaar met Oud en Nieuw bij hun ouderlijk huis aan het Maar wordt geschoten met melkbussen.

Karline en Truus