KopG&T

Maandelijks Nieuwsblad voor Garmerwolde, Thesinge en omstreken

37e jaargang februari 2012 

Hopen op en herinneringen aan de tocht der tochten

 

Eind januari zit er vorst in de lucht. Als de temperatuur daalt, neemt bij een aantal van onze dorpsbewoners de lichaamstemperatuur fors toe: elfstedenkoorts. In dit artikel vertellen een
aantal dorpsgenoten over hun ervaringen rond of hun hoop op de tocht der tochten. Korte verhalen over doorzettingsvermogen, teleurstelling, nuchterheid en hoop om toch nog eens… De interviews werden gehouden rond het weekend dat de rayonhoofden voor het eerst bijeen kwamen.

Jan Veenstra (Grasdijkweg)
Jan mocht tot nu toe de Elfstedentocht altijd zonder loting rijden, dat omdat hij voor 1985 al lid was. Degenen die daarna lid werden krijgen om het jaar een startbewijs. Jan is een veteraan. Hij heeft de Elfstedentocht in 1985, 1986 en 1997 gereden en dat niet alleen. In Oostenrijk heeft hij de alternatieve Elfstedentocht al vijf keer gereden. 'De
eerste keer rijd je als een gek en krijg je weinig mee van het publiek, bij de latere tochten is dat wel anders.' Hij weet uit ervaring dat die 200 kilometer toch een hele afstand blijft, dus Jan lijft, hoe leuk het publiek ook is, niet ergens rondhangen. Hij kan de tocht dan ook in acht uur rijden. ls er in de media gesproken wordt over de mogelijkheid van een Elfstedentocht, is er bij hem ook sprake van een soort koorts. Het blijft een happening die je goed moet voorbereiden: een bril op tegen het bevriezen van de ogen en kranten onder je hemd en in je onderbroek. Die kranten kun je tijdens de rit altijd wegdoen. Je moet er vanuit gaan dat je hem haalt. Dat is de juiste instelling.

201202a

De schaatsmannen: Bertho Top, Edzard Krol, Cor Eijkemans,
Joop Behrendt, Menco van der Berg en Jan Alix Uitham (foto: Myla Uitham)

Jan Alix Uitham (De Dijk)
Jan Alix heeft een startbewijs en inmiddels 3 kruisjes. In 1985, 1986 en 1997 schaatste hij de Elfstedentocht. In 1986 deed hij mee met de wedstrijd. Op basis van zijn goede prestaties - wedstrijden bij de Oldambt en de Noorderrondrit - werd hij uitgenodigd. Hij finishte 25 minuten na de winnaar Evert van Benthem en eindigde op de 41-ste plaats.
Het rijden op natuurijs, daar gaat het eigenlijk om. Andere tochten zijn ook prachtig. Dit jaar is hij nog niet in een goede schaatsconditie. Als hij van tevoren nog een aantal toertochten kan
rijden dan doet hij mee met de Elfstedentocht. Kijken waar het schip strandt is niets voor Jan Alix. Hij wil alleen met de tocht meedoen als hij zeker weet dat hij de eindstreep kan halen. En hij laat nog even weten dat vroeger (rond 1940) de Noorderrondrit vanuit het Damsterdiep naar het Boterdiep nog dwars door Thesinge liep.

Joop Behrendt (G.N. Schutterlaan)
Ook Joop heeft een startbewijs. Nu de vrieskou aanhoudt en er misschien een mogelijkheid is dat er een Elfstedentocht komt, is hij er de hele dag mee bezig. Hij houdt de weerberichten steeds bij en houdt de natuurtochten in de gaten. De Noorderrondrit heeft hij in 1998 gereden. 'Maar je hoopt toch dat je het eindelijk mee kunt maken, dat je erbij kunt zijn, want ook ik word ouder.' Toen het gezondheidscentrum in Delfzijl (daar werkt Joop) geopend werd, wist hij meteen wie de openingshandeling moest verrichten. De legendarische Jan Uitham die tweede werd als wedstrijdrijder na Reinier Paping in de hel van 1963. Een inspiratie voor Joop die de wedstrijd
zag toen hij elf jaar oud was, maar ook voor de ouderen die het centrum bezoeken.

Cor Eijkemans (G.N. Schutterlaan)
Cor heeft een startbewijs. Hoewel hij pas geopereerd is aan een hernia is hij zeker van plan om mee te doen. In 1997 heeft hij ook al meegedaan. Vanaf zijn jeugd in Brabant schaatst hij allerlei
tochten en kent hij mensen die de Elfstedentocht reden. Toen sloeg de vlam over. In 1997 heeft hij meegereden. Mensen hadden gezegd dat hij zich warm moest kleden. Dus ging Cor met thermosokken en een skipak op weg. Er woei een harde tegenwind. Binnen 15 kilometer had hij blaren en hij zweette zo in zijn skipak dat hij na 120 km bij Harlingen moest stoppen. Maar hij geeft het niet op. Als de tocht wordt gehouden is Cor, hersteld of niet, van de partij.

Menco van der Berg (Luddestraat)
Menco heeft ook een startbewijs. Hij blijft wel nuchter nu de temperatuur daalt: 'Leuk om te kunnen schaatsen.' Maar toen hij hoorde dat in Friesland de gemalen stil werden gelegd, werd hij toch fanatieker. Met nieuwe schaatsen bereidt hij zich voor met rondjes op het Schildmeer. 'Als je mag starten om 10.00 uur ben je er wel mee bezig dat je 200 kilometer te gaan hebt en hoeveel je dan gemiddeld moet rijden. Het is toch een hele afstand.' Als hij het kruisje haalt dan komt het te liggen in een schoenendoos met alle andere sportmedailles.

201202b

Harm Jan Havenga
en Bart Boosman binden de schaatsen onder(foto: Margriet de Haan)

Richard van der Veen (boerderij Klunder)
Richard heeft een startbewijs. Hij verwacht niet dat de tocht dit jaar doorgaat. Eigenlijk komt een Elfstedentocht dit jaar niet zo goed uit. Hij zit als ik hem spreek met zijn jongste kind van
drie maanden op schoot. Hij is druk met boerderij en gezin en hij heeft nieuwe schaatsen nodig. En hoewel hij niet getraind heeft gaat hij het wel proberen als de tocht doorgaat. Ja, zeker weten, dan gaat hij ervoor!

Arend Hoekstra (Thesingerlaan)
Arend heeft een startbewijs. Het zou voor hem de eerste keer zijn en de koorts loopt op. Hij komt er eerder voor uit zijn werk en zou in het weekend gaan snowboarden met zijn zoon, maar de tocht gaat voor. Het heeft misschien te maken met zijn wortels. Zijn ouders zijn Fries (woonden voorheen ook op de boerderij waar Arend nu woont) en als gezin stonden ze langs het ijs als supporter. Zijn moeder woont nu in IJlst vlak langs de route. 'Ook al ga je helemaal kapot, als je het uitrijdt, dat lijkt me prachtig. Het is een prestatiestrijd met jezelf.'

Greetje Holtman (boerderij Klunder)
Greetje heeft dit jaar geen startbewijs en eigenlijk komt het haar goed uit. Gezin, werk, en de boerderij, het is een drukke tijd. In 1998 reed ze de 160 km van de Noorderrondrit. 'Als ik die tocht kan rijden dan kan ik misschien ook nog wel een stapje verder.' Dus gaf ze zich op als lid. Toen ze dit jaar voor het eerst weer op schaatsen stond op de ijsbaan in Thesinge wilde ze de hele dag wel blijven schaatsen. 'Ja, dit is leven.' Als er een Noorderrondrit komt dan doet ze mee (80 km). En de droom om dé tocht nog eens te rijden blijft. Hoewel ze ook nog wel eens twijfelt of ze het lidmaatschap op moet geven om een ander een kans te geven. Mocht er over drie jaar een Elfstedentocht zijn, dan zijn de kinderen wat groter, en dan… 'Al zou ik hem maar een keer rijden. Het gaat me nog niet eens om het kruisje, maar om het meemaken.'

Bart Boosman (Dorpsweg)
Bart baalt dat hij dit jaar geen startbewijs heeft, want hij wil revanche voor 1997. Toen deed hij mee met de toer. Hij startte in de allerlaatste groep, toen de winnaars van de race al lang weer binnen waren. Het ging prima, tot 75 km voor het einde. Hij bleef haken in een scheur, viel en de punt van een schaats brak af. Daarna was het een martelgang, met om de honderd meter een val. 'Schaatsen zijn niet voor niets rond van voren…' Om half twaalf 's nachts werd hij bij een EHBO-post bij het laatste dorp van de tocht, Oudkerk, opgevangen en neergezet op een bankje met een kop thee. 'Ik was kapot, maar had eigenlijk door moeten schaatsen'. Na een minuut of tien ging hij door, om bij het laatste bruggetje voor de Bonkevaart door een politieman van het ijs te worden geplukt. Het was vijf voor twaalf, en de politie vond dat iedereen van het ijs af moest. 'Het was heel zuur. Ik kon de finishvlaggen en tribunes zien staan.' Mocht de tocht toch doorgaan, dan gaat Bart als het even kan de andere rijders aanmoedigen.

Kor van Zanten (Molenhorn)

Kor heeft dit jaar geen startbewijs. Als je weet dat je niet kunt starten houdt het je toch minder bezig. Maar als je weet dat je dat wel kunt, dan rijdt hij als training met gemak twee keer op en neer van Garmerwolde naar Delfzijl. Kor vindt het leuk dingen te doen die anderen niet doen. Meedoen met de Nijmeegse Vierdaagse, een autocross, parachute springen. En de Elfstedentocht hoort daar zeker bij.

Ex-leden die de tocht hebben gereden

Harm Jan Havenga (Koningsheert)
Harm Jan is geen lid meer. Hij deed, 23 jaar oud, mee met de wedstrijdrijders in de barre tocht van 1963. Datzelfde jaar was hij tweede geworden met de Noorderrondrit. Het ijs was slecht, er lag sneeuw en het was zo zwaar. Na het IJsselmeer kwam hij in Hindeloopen aan. Daar zag hij zijn broer staan met de auto en dacht: 'Ik ben ook hartstikke gek, ik stap af.' Terugkijkend zegt hij: 'Die beslissing neem je en daar heb ik geen spijt van gehad.' Daarna trainde hij nog 23 jaar lang voor de Elfstedentocht maar toen er weer een tocht was in 1985 heeft hij zijn lidmaatschap ingeleverd.

Edzard Krol (G.N. Schutterlaan)
Edzard heeft de tocht in 1985 gereden op 22- jarige leeftijd. Ook al was het zwaar en zag hij haast niets meer omdat zijn beide ogen bevroren raakten, hij haalde de eindstreep. Het was een echte belevenis die tot de vijf belangrijkste gebeurtenissen uit zijn leven behoort. De herinnering wordt telkens als er gesproken wordt over de Elfstedentocht opnieuw gevoed. En hoe langer het duurt voor er een nieuwe tocht komt, hoe legendarischer zijn gereden tocht wordt. Het kruisje is binnen. Nu is hij geen lid meer. Maar toch zou hij de rit graag weer willen rijden.

Bertho Top (Molenweg)
Bertho heeft zijn kruisje gehaald in 1986, hij was toen 39. Het kruisje ligt in zijn kluis. Hij houdt van veel sporten en heeft ook andere prestaties geleverd die voor hem belangrijk zijn. Maar op schaatsgebied is de Elfstedentocht een belevenis, een groot feest. 'Als ik maar voor 12.00 uur binnen ben', dacht hij onderweg. En ondanks dat er veel aan je voorbij gaat is de tocht toch een groot feest een echte belevenis op schaatsgebied.

Dit waren de verhalen. Een ding staat vast: die 200 kilometer op de schaats afleggen, het blijft bijzonder.

Irene Plaatsman